Dienstbrief (officiële correspondentie)
Origineel
Dienstbrief (officiële correspondentie) 25 januari 1936 Gemeentelijk Bouw- en Woningtoezicht Amsterdam [Stempel linksboven:] No 1/1/2 M. 1936 27
[Logo Gemeente Amsterdam]
GEMEENTELIJK BOUW- EN WONINGTOEZICHT
Dossier
AMSTERDAM, 25 Januari 1936.
Valckenierstraat 2 (C.)
Telefoon 52200
No. 264 7 A.Z. 1935.
Antwoord op No. ....................................................
van ............................................................................
[Handgeschreven rechtsboven:] Opb. mr. Dixon(?)
1 BIJLAGE.
Naar aanleiding van Uw schrijven van 2 Januari 1936, No. 1/1/1 M., onderwerp: Pluimvee-slachterijen, dat om bericht en raad in mijn handen werd gesteld, en in aansluiting aan het telefonische onderhoud, dat Ir. Samson van mijn Dienst met U had, bericht ik U, dat door mij aan Burgemeester en Wethouders is voorgesteld, hun Besluit van 6 December 1935, ter zake van Pluimvee-slachterijen, in dien geest aan te vullen, dat ook U aan de besprekingen over dat onderwerp zult kunnen deelnemen.
In verband hiermede doe ik U ingesloten toekomen, afschrift van een schrijven, door mij aan den Wethouder voor de Volkshuisvesting gericht, waarin de zaak, waarom het gaat, wordt uiteengezet.
Omtrent de datum van de eerste bespreking zal ik mij binnenkort met U in verbinding stellen.
De Directeur van het Gemeentelijk
Bouw- en Woningtoezicht,
[Handtekening: onleesbaar, mogelijk 'Graven' of 'Groen']
[Handgeschreven aantekeningen onderaan:]
In A’dam 60 à 80 slachterijen -
H. Visser en Segers stellen rapporten
Ir Samson, Segers + v Haan vergaderen als sub-Cie
Pluimvee zijn vogels
Wild + gevogelte inbegrepen
Aan den Heer Directeur van het Marktwezen.
[Onderaan:] Model 91 B.W.T. 5000-12-’34 Het document is een interne correspondentie tussen twee gemeentelijke diensten van Amsterdam in de jaren '30. De kern van de brief is de afstemming over de regulering van pluimveeslachterijen. De Directeur van het Bouw- en Woningtoezicht stelt voor om de Directeur van het Marktwezen te betrekken bij de besluitvorming, wat wijst op een verschuiving of uitbreiding van de beleidsmatige aanpak van deze bedrijfstak.
De handgeschreven aantekeningen onderaan zijn cruciaal voor de context: ze geven de omvang van de sector weer (60 tot 80 locaties) en noemen de personen (Visser, Segers, Ir. Samson, v. Haan) die een subcommissie vormen om de rapportage voor te bereiden. Ook wordt er een definitie-kwestie genoteerd: dat onder 'pluimvee' ook 'wild en gevogelte' begrepen moet worden. In de jaren '30 vond in Amsterdam een professionalisering plaats van het toezicht op volksgezondheid en hygiëne. Slachterijen binnen de bebouwde kom stonden onder verscherpt toezicht vanwege geuroverlast, hygiëne en woningvoorschriften. Dat zowel Bouw- en Woningtoezicht (vergunningen en panden) als het Marktwezen (economische regulering en handel) hierbij betrokken waren, toont de bureaucratische complexiteit van stedelijk beheer in die periode. De genoemde "Wethouder voor de Volkshuisvesting" benadrukt dat de aanwezigheid van slachterijen direct invloed had op de kwaliteit van de woonomgeving. H. Visser Gemeente Amsterdam Marktwezen