Handgeschreven ambtelijke notitie / memorandum.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie / memorandum. 3 november (jaartal in rode inkt bovenaan is moeilijk leesbaar, mogelijk jaren '40 gezien de interne verwijzing naar 1934/35). [Linksboven:]
2
Dir P.W.
[Midden boven, in rood:]
3/11/2 [M]
[Hoofdtekst:]
Bij schaderegelingen werd
de laatste jaren de vaste
taxatieclausule min of meer
als doode letter beschouwd.
Nu de prijzen stijgen zullen
de opvattingen daaromtrent
wellicht weer veranderen.
Inderdaad noodig dat
met stijgende kosten wordt
rekening gehouden.
De taxatie van de
gebouwen c.a. Centr. Markt
is in 1934/35 geschied door
P.W. (Th. Pathuis) in
samenwerking met M. Tulp.
Wij kunnen niet beoordeelen
of verhooging noodig is.
~~Te wanneer~~
Voor zoover bekend taxeert
P.W. alle gemeentelijke
objecten die voor assurantie
in aanmerking komen.
m.i. aan Adm. Gem. Assurantie-
verzoeken op tijdstip door P.W./ fonds
beoordeelde nieuwe taxatie De kern van deze notitie betreft het verzekeringsbeleid van de gemeente met betrekking tot haar vastgoed. De schrijver merkt op dat de "vaste taxatieclausule" (een vooraf overeengekomen waarde in een verzekeringspolis) voorheen niet erg strikt werd gehanteerd ("als doode letter beschouwd"). Echter, door de stijgende prijzen (inflatie of stijgende bouwkosten) wordt het noodzakelijk om de verzekerde bedragen opnieuw te beoordelen om onderverzekering te voorkomen.
Er wordt specifiek verwezen naar de gebouwen van de Centrale Markt (de Markthallen in Amsterdam), waarvan de laatste taxatie dateert uit 1934/1935. De schrijver adviseert om de Administratie van het Gemeentelijk Assurantiefonds opdracht te geven om nieuwe taxaties uit te laten voeren door de dienst Publieke Werken (P.W.) op momenten dat zij dit nodig achten. Dit document past in de administratieve geschiedenis van de Gemeente Amsterdam, specifiek de interactie tussen de dienst Publieke Werken (P.W.) en het Gemeentelijk Assurantiefonds.
- Th. Pathuis: De genoemde Th. Pathuis was een bekende functionaris bij de Amsterdamse Publieke Werken, werkzaam bij de afdeling gebouwen.
- Centrale Markt: De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat werden in de jaren '30 voltooid; de genoemde taxatie van 1934/35 valt samen met de ingebruikname van het complex.
- Tijdsbeeld: De referentie naar "stijgende prijzen" en het jaartal 1934/35 in de verleden tijd suggereert dat dit briefje mogelijk geschreven is tijdens of vlak na de Tweede Wereldoorlog, een periode waarin de herbouwwaarde van gebouwen sterk fluctueerde door materiaalschaarste en inflatie. M. Tulp Gemeente Amsterdam Publieke Werken
Samenvatting
De kern van deze notitie betreft het verzekeringsbeleid van de gemeente met betrekking tot haar vastgoed. De schrijver merkt op dat de "vaste taxatieclausule" (een vooraf overeengekomen waarde in een verzekeringspolis) voorheen niet erg strikt werd gehanteerd ("als doode letter beschouwd"). Echter, door de stijgende prijzen (inflatie of stijgende bouwkosten) wordt het noodzakelijk om de verzekerde bedragen opnieuw te beoordelen om onderverzekering te voorkomen.
Er wordt specifiek verwezen naar de gebouwen van de Centrale Markt (de Markthallen in Amsterdam), waarvan de laatste taxatie dateert uit 1934/1935. De schrijver adviseert om de Administratie van het Gemeentelijk Assurantiefonds opdracht te geven om nieuwe taxaties uit te laten voeren door de dienst Publieke Werken (P.W.) op momenten dat zij dit nodig achten.
Historische Context
Dit document past in de administratieve geschiedenis van de Gemeente Amsterdam, specifiek de interactie tussen de dienst Publieke Werken (P.W.) en het Gemeentelijk Assurantiefonds.
- Th. Pathuis: De genoemde Th. Pathuis was een bekende functionaris bij de Amsterdamse Publieke Werken, werkzaam bij de afdeling gebouwen.
- Centrale Markt: De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat werden in de jaren '30 voltooid; de genoemde taxatie van 1934/35 valt samen met de ingebruikname van het complex.
- Tijdsbeeld: De referentie naar "stijgende prijzen" en het jaartal 1934/35 in de verleden tijd suggereert dat dit briefje mogelijk geschreven is tijdens of vlak na de Tweede Wereldoorlog, een periode waarin de herbouwwaarde van gebouwen sterk fluctueerde door materiaalschaarste en inflatie.