Archief 745
Inventaris 745-313
Pagina 215
Dossier 92
Jaar 1940
Stadsarchief

Archiefdocument

Origineel

[Linkerpagina]

Volgn. 107 [tab] 10

wezen, wordt door dien directeur gestraft met het ontnemen van het recht op een plaats op een of meer markten, gedurende ten hoogste 14 dagen.
Degene, die de bepalingen van de artt. 27 en 28 overtreedt, een en ander ter beoordeeling van den directeur van het Marktwezen, wordt door dien directeur gestraft met het ontnemen van het recht op een markt kramen te plaatsen gedurende ten hoogste veertien dagen.
Burgemeester en Wethouders kunnen, op voorstel van voornoemden directeur, in aansluiting aan een door dezen opgelegde straf voor een termijn van 14 dagen, besluiten tot intrekking van het in het eerste en het tweede lid van dit artikel bedoelde recht voor een langeren termijn dan 14 dagen of voor onbepaalden termijn.
Indien een of meer der in het eerste lid van dit artikel bedoelde misdrijven of overtredingen de in het tweede lid bedoelde overtredingen gepleegd worden, is de marktambtenaar bevoegd, de(n) bedrijver te gelasten met zijn (haar) goederen, kramen en eventueel met zijn (haar) vaar- of voertuigen de markt te verlaten.

ART. 40
Wanneer in de gevallen, in het voorafgaande artikel bedoeld, aan de bevelen van den marktambtenaar geen gevolg wordt gegeven, wordt tot verwijdering van gemeentewege overgegaan en kan de marktambtenaar zoo noodig de hulp der Politie inroepen.
Eveneens wordt, zoo noodig met hulp der Politie, overgegaan tot verwijdering van:
a goederen en daarbij behoorende vaar- en voertuigen, die onbeheerd op de markt staan en aldaar zonder voorkennis van den marktambtenaar zijn geplaatst;
b kramen, aanwezig op de markt op een andere dan door den dienstdoenden marktambtenaar aangewezen plaats.

ART. 41
Zoolang de kosten, veroorzaakt door de verwijdering van goederen, vaar- en voertuigen of kramen in het vorige artikel bedoeld, niet aan de Gemeente zijn terugbetaald, komt degene, die tot het maken dier kosten aanleiding heeft gegeven, niet voor een plaats op die markt of op een der andere markten, of niet voor toestemming tot het plaatsen van kramen op die markt of op een der andere markten in aanmerking.
In bijzondere gevallen te zijner beoordeeling is de directeur van het Marktwezen bevoegd van het bepaalde in het vorige lid af te wijken.

Burgemeester en Wethouders voornoemd,
DE VLUGT
de Secretaris,
VAN LIER
Verschenen, 13 December 1938.


[Rechterpagina]

1938
GEMEENTEBLAD
Afdeeling 3

Volgn. 108
[Wapen van Amsterdam]

AANVULLING VAN REGELINGEN WERKLIEDEN IN ZAKE DE TOELAGE VOOR HET ZICH BESCHIKBAAR HOUDEN IN DE WONING VOOR HET OPHEFFEN VAN STOORNISSEN IN DEN DIENST EN IN ZAKE HET VERLEENEN VAN ZGN. NON-ACTIVITEITSVERLOF.

BURGEMEESTER en WETHOUDERS van Amsterdam brengen ter algemeene kennis, dat zij in hun vergadering van 28 October 1938 hebben besloten, gerekend te zijn ingegaan 22 Juni 1938:

A de Regeling No. 17 Werkl., sub E, vastgesteld bij hun besluit van 24 Juni 1938, No. 1072 p Arb. 1937 (Gemeenteblad 1938, afd. 3, volgn. 70), te wijzigen als volgt:

a onder I wordt in plaats van:
„met dien verstande, dat de werklieden, indien zij voor het opheffen van stoornissen in den dienst arbeid moeten verrichten, geen aanspraak zullen hebben op betaling van overwerk”,
gelezen:
„met dien verstande, dat de uit deze verplichting voortvloeiende arbeid buiten den gewonen werkrooster, zal worden betaald op den voet van overwerk”;

b het onder II bepaalde wordt gelezen als volgt:
„II De toelage, bedoeld onder I b, c en d, zal niet minder bedragen dan f 65 per jaar.”;

B de Regeling No. 24 Werkl., vastgesteld bij hun besluit van 24 Juni 1938, No. 1072 p Arb. 1937 (Gemeenteblad 1938, afd. 3, volgn. 70), te wijzigen als volgt:

a lid (5) wordt gelezen:
„(5) Gedurende het verlof onder stilstand van bezoldiging voor andere doeleinden, dan bedoeld in het eerste lid (zoogenaamde „non-activiteit”), is de betrokken werkman verplicht aan de Gemeente... Dit document bevat uittreksels uit het Gemeenteblad van Amsterdam uit het jaar 1938. De tekst is verdeeld over twee verschillende volgnummers (besluiten):

  1. Volgnr. 107 (Marktwezen): Dit gedeelte regelt de handhaving op de Amsterdamse markten. Het legt de bevoegdheden vast van de directeur van het Marktwezen en de marktambtenaren. Er is sprake van tuchtrechtelijke maatregelen (ontzegging van de staanplaats voor 14 dagen of langer) en bestuursdwang (verwijdering van goederen en kramen, eventueel met politiebijstand). Een cruciaal element is de kostenverhaalsregeling: zolang gemaakte verwijderingskosten niet zijn betaald, wordt de betrokkene uitgesloten van marktdeelname.
  2. Volgnr. 108 (Arbeidsvoorwaarden Gemeentepersoneel): Dit besluit wijzigt bestaande regelingen voor "werklieden" (handarbeiders in gemeentedienst). De wijziging onder 'A' is een aanzienlijke verbetering van de rechtspositie: waar voorheen arbeid tijdens consignatie (het beschikbaar houden voor stoornissen) niet als overwerk werd betaald, wordt dit nu expliciet wél als overwerk vergoed. Daarnaast wordt een minimumbedrag voor de toelage vastgesteld op 65 gulden per jaar. Onder 'B' wordt de definitie van "non-activiteit" (onbetaald verlof) aangescherpt. Het document dateert uit 1938, de late vooroorlogse periode. Amsterdam werd in die tijd bestuurd door Burgemeester Willem de Vlugt. Het document weerspiegelt de vergaande regulering van zowel het economische leven (de markt) als de arbeidsverhoudingen van de overheid in die tijd.

Interessant is de taal: het document is geschreven in de spelling-Marchant (gebruikt tussen 1934 en 1947), wat te zien is aan woorden als "zoogenaamde", "werklieden" en "in zake". De genoemde functionaris, de Secretaris Van Lier, was een bekende figuur in het Amsterdamse ambtelijk apparaat van die tijd. De wijziging in de overwerkregeling voor werklieden duidt op de groeiende invloed van vakbonden en de noodzaak om consignatiediensten (vooral bij de stadsreiniging of nutsbedrijven) eerlijker te belonen tijdens de economische crisisjaren.

Samenvatting

Dit document bevat uittreksels uit het Gemeenteblad van Amsterdam uit het jaar 1938. De tekst is verdeeld over twee verschillende volgnummers (besluiten):

  1. Volgnr. 107 (Marktwezen): Dit gedeelte regelt de handhaving op de Amsterdamse markten. Het legt de bevoegdheden vast van de directeur van het Marktwezen en de marktambtenaren. Er is sprake van tuchtrechtelijke maatregelen (ontzegging van de staanplaats voor 14 dagen of langer) en bestuursdwang (verwijdering van goederen en kramen, eventueel met politiebijstand). Een cruciaal element is de kostenverhaalsregeling: zolang gemaakte verwijderingskosten niet zijn betaald, wordt de betrokkene uitgesloten van marktdeelname.
  2. Volgnr. 108 (Arbeidsvoorwaarden Gemeentepersoneel): Dit besluit wijzigt bestaande regelingen voor "werklieden" (handarbeiders in gemeentedienst). De wijziging onder 'A' is een aanzienlijke verbetering van de rechtspositie: waar voorheen arbeid tijdens consignatie (het beschikbaar houden voor stoornissen) niet als overwerk werd betaald, wordt dit nu expliciet wél als overwerk vergoed. Daarnaast wordt een minimumbedrag voor de toelage vastgesteld op 65 gulden per jaar. Onder 'B' wordt de definitie van "non-activiteit" (onbetaald verlof) aangescherpt.

Historische Context

Het document dateert uit 1938, de late vooroorlogse periode. Amsterdam werd in die tijd bestuurd door Burgemeester Willem de Vlugt. Het document weerspiegelt de vergaande regulering van zowel het economische leven (de markt) als de arbeidsverhoudingen van de overheid in die tijd.

Interessant is de taal: het document is geschreven in de spelling-Marchant (gebruikt tussen 1934 en 1947), wat te zien is aan woorden als "zoogenaamde", "werklieden" en "in zake". De genoemde functionaris, de Secretaris Van Lier, was een bekende figuur in het Amsterdamse ambtelijk apparaat van die tijd. De wijziging in de overwerkregeling voor werklieden duidt op de groeiende invloed van vakbonden en de noodzaak om consignatiediensten (vooral bij de stadsreiniging of nutsbedrijven) eerlijker te belonen tijdens de economische crisisjaren.

Kooplieden in dit dossier 62

A. Boersen Uilenburg — " —
A. Cuijpstr Waterlooplein
A. Cuypstraat Waterlooplein 89
A. Cuypstraat Waterlooplein
B. Schmiedemind Uilenburg v. Burg en Dijkema
B. Schmiedemind Uilenburg — " —
G. Burgers Uilenburg — " —
G. Hillegers Uilenburg — " —
G. Hillegers Uilenburg v. Burg.
G. Hillegers Uilenburg Renz en Uitvlugt
G. Hillegers Uilenburg — " —
J. Hillegers Uilenburg Uitvlugt
J. J. Reenslag. Uilenburg — " —
J. Hillegers Uilenburg Moerkerken en Bakker
J. Trapman Uilenburg — " —
J. v.d. Beek Uilenburg — " —
L. Scholten Uilenburg — " —
M.A.J. Roozen Uilenburg — " —
Op Zaterdag 12 October meerdere
Op Zaterdag 12 October meerdere
Op Zaterdag 15 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Op Zaterdag 1 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Op Zaterdag 22 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Alle 62 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2