Archiefdocument
Origineel
[In handschrift, bovenaan midden:]
extra
[Rechtsboven:]
VP/HG.
den Heer P.J.Duijf,
2e Anjeliersdwarsstraat 3 hs,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 9.
33/65/2 E. 12 Augustus 1940.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 22 Juli jl. be-
richt ik U, dat het daarin vervatte verzoek niet voor inwilli-
ging in aanmerking kan komen. Indien U Uw plaats op de markten
Lindengracht en Westerstraat niet regelmatig bezet zullen deze
plaatsen worden ingetrokken, overeenkomstig de desbetreffende
bepalingen van het Reglement op de Markten.
De Directeur, * **Inhoud:** De brief is een formele afwijzing van een verzoek dat door de heer Duijf op 22 juli 1940 was ingediend. Hoewel de aard van het verzoek niet expliciet wordt genoemd, blijkt uit de context dat het betrekking heeft op zijn marktplaatsen.
- Toon: De toon is ambtelijk, kortaf en dwingend. Er wordt direct een sanctie aangekondigd: als de heer Duijf zijn plaatsen op de Lindengracht en Westerstraat niet "regelmatig bezet", zullen deze worden ingetrokken.
- Bijzonderheden:
- Het woord "niet" is onderstreept om de afwijzing te benadrukken.
- De handgeschreven notitie "extra" bovenin kan duiden op een bijzondere verzendwijze of een interne classificatie.
- Er lijkt een typefout of correctie te zitten bij het woord "plaats" (regel 3 van de tekst), waarbij de 's' mogelijk later is toegevoegd of over de 'o' van 'op' heen valt. * Historische periode: De brief dateert van augustus 1940, slechts drie maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De administratieve processen van de gemeente Amsterdam liepen in deze fase nog grotendeels door volgens de bestaande reglementen.
- Locatie: De Lindengracht en de Westerstraat zijn bekende marktlocaties in de Jordaan, een Amsterdamse volksbuurt. De geadresseerde woonde zelf ook in de Jordaan (2e Anjeliersdwarsstraat).
- Sociaal-economisch: De markthandel was in die tijd een vitale maar streng gereguleerde bron van inkomsten. De dreiging met intrekking van de marktplaatsen was een zware sanctie voor een kleine zelfstandige in oorlogstijd. Mogelijk kon de heer Duijf door de omstandigheden van de vroege bezetting (gebrek aan goederen of persoonlijke redenen) zijn marktplaats niet volledig benutten, wat leidde tot deze waarschuwing. P.J. Duijf Gemeente Amsterdam Marktwezen