Doorslag van een officiële brief (typegeschreven).
Origineel
Doorslag van een officiële brief (typegeschreven). 26 september 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen/Markten in Amsterdam). [Handgeschreven bovenin:] Verzonden 26/9 [en] In de lade
[Getypt rechtsboven:]
VP/HG.
den Heer N.Blaugrund,
Gelderschekade 94,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 1.
33/82/2 M.
26 September 1940.
Naar aanleiding van Uw briefkaart d.d. 16 Augustus jl. bericht ik U, dat U geen verder uitstel van plaatsbezetting op de markt Westerstraat kan worden verleend. Indien U de bedoelde plaats voortaan niet regelmatig, dat wil zeggen ten minste drie maal in de vier weken, bezet, zal zij worden ingetrokken, overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van het Reglement op de Markten.
De Directeur, Dit document is een formele aanzegging van de Amsterdamse marktautoriteiten aan een individuele marktkoopman, de heer N. Blaugrund. De kern van de brief is de afwijzing van een verzoek om uitstel voor het bezetten van zijn staanplaats op de markt in de Westerstraat.
De toon is strikt bureaucratisch en verwijst direct naar het geldende 'Reglement op de Markten'. De ontvanger wordt gewaarschuwd dat hij zijn vergunning zal verliezen als hij niet voldoet aan de aanwezigheidsplicht (minimaal driekwart van de tijd). De handgeschreven notitie "Verzonden 26/9" bevestigt dat de brief daadwerkelijk op de dag van datering is uitgegaan. De aantekening "In de lade" wijst op de administratieve archivering van deze doorslag. De datum van de brief, 26 september 1940, is van groot historisch belang. Nederland was op dat moment enkele maanden bezet door nazi-Duitsland. De geadresseerde, Nathan Blaugrund, was een Joodse marktkoopman.
Hoewel de brief op het eerste gezicht een routineuze administratieve handeling lijkt betreffende marktregels, moet deze gezien worden in het licht van de beginnende anti-Joodse maatregelen. In deze periode begon de bezetter, vaak met medewerking van het Nederlandse ambtenarenapparaat, de bewegingsvrijheid en economische positie van Joodse burgers systematisch in te perken. Het strikt handhaven van aanwezigheidsregels op markten was een van de manieren waarop Joodse handelaren, die mogelijk door omstandigheden (zoals ziekte, angst of andere beperkingen) hun stal minder vaak konden bemannen, uit het economische leven werden verdrongen. Niet lang na deze brief zouden Joodse kooplieden volledig van de algemene markten worden verbannen en naar specifieke "Joodse markten" worden gedirigeerd. N. Blaugrund Marktwezen