Administratieve kaart/archiefstuk van de gemeente Amsterdam (Afdeling Algemene Zaken).
Origineel
Administratieve kaart/archiefstuk van de gemeente Amsterdam (Afdeling Algemene Zaken). Oktober – november 1940. [Linksboven in kader]
BIJBLAD VAN:
M. No. 33/92/1 1940
DOORGEZONDEN: 21/10
[Rechtsboven]
883
[Hoofdtekst bovenaan]
M. Aarons / Nwe Heerengracht 137
pl. 238 Westerstraat.
[Middenstuk, handgeschreven tekst]
Is reeds gewaarschuwd geregeld te komen
Het verzoek van M. Aarons dient m.i. te worden afgewezen. Gr. Wolff
Aan Aarons moet worden bericht, dat hij zijn plaats op de markt Westerstraat geregeld, d.w.z. drie maal in de vier weken moet innemen, daar anders zijn plaats wordt ingetrokken.
[Rechts in de kantlijn]
advies
24-10-'40
de Boer
[Onderzijde]
(zie rapport Marktopzichter)
5-11-'40
de Boer
2. 33/92/2
7/11/40 [paraaf]
[Linksonder in de marge]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 * Onderwerp: De kaart handelt over een besluit betreffende de marktvergunning van de heer M. Aarons op de Westerstraat-markt in Amsterdam.
* Inhoud: Er is een verzoek ingediend door Aarons (waarschijnlijk om zijn afwezigheid te rechtvaardigen of zijn plek te behouden), maar de ambtenaren (Gr. Wolff en de Boer) adviseren dit af te wijzen. De reden is dat hij onregelmatig op de markt verschijnt. Hij krijgt een formele waarschuwing: hij moet minimaal drie van de vier weken aanwezig zijn, anders wordt zijn standplaatsvergunning ingetrokken.
* Besluitvorming: Het proces loopt van het eerste advies op 24 oktober 1940 tot de uiteindelijke afhandeling/registratie op 7 november 1940. Er wordt verwezen naar een achterliggend rapport van de marktopzichter. * Historische periode: Dit document dateert van de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* Sociaal-geografische context: De Nieuwe Heerengracht was een straat in de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam. De naam 'M. Aarons' is typisch Joods.
* Bestuurlijke context: Hoewel de tekst op het eerste gezicht een gewone disciplinaire maatregel lijkt over marktaanwezigheid, is het belangrijk te weten dat in de loop van 1940 en 1941 de bureaucratische druk op Joodse marktkooplieden systematisch werd opgevoerd. Het intrekken van standplaatsvergunningen was een methode om Joodse burgers uit het economische leven te verdrijven. Dit document vormt een schakel in de administratieve vastlegging van de handel en wandel van Joodse Amsterdammers in die periode.