Archief 745
Inventaris 745-325
Pagina 41
Dossier 109
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven brief (antwoord op een schrijven).

15 november 1940. Van: A. Branger. Aan: Onbekend ("Waarde Heer").

Origineel

Handgeschreven brief (antwoord op een schrijven). 15 november 1940. A. Branger. Onbekend ("Waarde Heer"). Duivendrecht 15-11-40
No 33/94/18 M. 1940

Waarde Heer.

U schrijven ontvangen.
maar zoo als U schrijft een maand. dat
gaat niet daar mijn man thans pas op mag.
Hierbij een briefje van de Dokter.

Hoogachtend
A Branger * Inhoud: De schrijfster (A. Branger) reageert op een ontvangen brief. In die brief werd blijkbaar een termijn van een maand voorgesteld of geëist. Zij geeft aan dat dit onmogelijk is ("dat gaat niet"), omdat haar echtgenoot op dit moment pas weer uit bed mag komen na ziekte ("thans pas op mag").
* Bijlage: Ter onderbouwing van haar bewering heeft zij een doktersverklaring bijgevoegd.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is formeel ("Waarde Heer", "Hoogachtend") maar bevat een grammaticale eigenaardigheid in de eerste zin ("U schrijven" in plaats van "Uw schrijven"), wat in die tijd vaker voorkwam in minder formele correspondentie.
* Administratief spoor: Het stempel bovenin duidt erop dat deze brief is opgenomen in een officieel archief of administratie, mogelijk gerelateerd aan militaire zaken of een overheidsinstantie (gezien de letter 'M' in het stempel). De brief is geschreven in november 1940, tijdens de eerste maanden van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De code in het stempel ("M. 1940") zou kunnen verwijzen naar 'Mobilisatie' of 'Militaire' aangelegenheden, of wellicht een gemeentelijke administratie. In deze periode waren veel correspondenties met officiële instanties gericht op vrijstellingen, uitstel van werkzaamheden of sociale steun vanwege de moeilijke omstandigheden en de nasleep van de mobilisatie. De medische noodzaak (het doktersbriefje) was een gangbare manier om officieel uitstel te verkrijgen van verplichtingen. A. Branger

Samenvatting

  • Inhoud: De schrijfster (A. Branger) reageert op een ontvangen brief. In die brief werd blijkbaar een termijn van een maand voorgesteld of geëist. Zij geeft aan dat dit onmogelijk is ("dat gaat niet"), omdat haar echtgenoot op dit moment pas weer uit bed mag komen na ziekte ("thans pas op mag").
  • Bijlage: Ter onderbouwing van haar bewering heeft zij een doktersverklaring bijgevoegd.
  • Taalgebruik: Het taalgebruik is formeel ("Waarde Heer", "Hoogachtend") maar bevat een grammaticale eigenaardigheid in de eerste zin ("U schrijven" in plaats van "Uw schrijven"), wat in die tijd vaker voorkwam in minder formele correspondentie.
  • Administratief spoor: Het stempel bovenin duidt erop dat deze brief is opgenomen in een officieel archief of administratie, mogelijk gerelateerd aan militaire zaken of een overheidsinstantie (gezien de letter 'M' in het stempel).

Historische Context

De brief is geschreven in november 1940, tijdens de eerste maanden van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De code in het stempel ("M. 1940") zou kunnen verwijzen naar 'Mobilisatie' of 'Militaire' aangelegenheden, of wellicht een gemeentelijke administratie. In deze periode waren veel correspondenties met officiële instanties gericht op vrijstellingen, uitstel van werkzaamheden of sociale steun vanwege de moeilijke omstandigheden en de nasleep van de mobilisatie. De medische noodzaak (het doktersbriefje) was een gangbare manier om officieel uitstel te verkrijgen van verplichtingen.

Genoemde Personen 1

Locaties

Duivendrecht.

Producten

Kruidenier (Droog): Meel Kruidenier (Droog): Rijst Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6