Archief 745
Inventaris 745-325
Pagina 190
Dossier 39
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijk advies / Brief

27 december 1940 Van: Onbekend (mogelijk een marktmeester), getekend "Nauwerff" (of vergelijkbaar). Aan: De Inspecteur van het Marktwezen, alhier.

Origineel

Ambtelijk advies / Brief 27 december 1940 Onbekend (mogelijk een marktmeester), getekend "Nauwerff" (of vergelijkbaar). De Inspecteur van het Marktwezen, alhier. No 33/114/1 M 1940

Aan den Inspecteur
v/h Marktwezen
alhier.

Wat het verzoek om uitstel van J. G.
v. Andel betreft diene het volgende.
v. Andel is al meermalen gewaarschuwd
zijn marktplaats beter te bezetten, want hij
komt meer niet, dan wel op de markt.
Daar ik kooplieden heb, die met de-
zelfde handel wel op de markt kunnen komen,
lijkt het mij niet gewenscht hem het
gevraagde uitstel te verleenen.
Kooplieden die met gelijke handel op de
markt komen zijn Bruijs- Bron- Boot-
Kinne en v. Cleef, en deze kooplieden
maken dagelijks gebruik van de markt.

27 December 1940. [Handtekening: Nauwerff] Dit document is een ambtelijk advies aan de Inspecteur van het Marktwezen betreffende de exploitatie van een marktstandplaats. De kern van de zaak is een verzoek van een zekere heer J.G. van Andel om "uitstel" (vermoedelijk voor het verplicht innemen van zijn standplaats).

De schrijver adviseert negatief op dit verzoek. De argumentatie is tweeledig:
1. Slecht gedrag/verzuim: Van Andel is reeds meerdere malen gewaarschuwd omdat hij vaker afwezig is dan aanwezig ("hij komt meer niet, dan wel op de markt").
2. Economisch nut en concurrentie: Er is voldoende animo van andere kooplieden (met name genoemd: Bruijs, Bron, Boot, Kinne en v. Cleef) die in dezelfde branche werkzaam zijn en wel dagelijks hun plek innemen.

De toon is zakelijk en beslist. De schrijver geeft prioriteit aan kooplieden die bijdragen aan de continuïteit en levendigheid van de markt boven iemand die zijn verplichtingen niet nakomt. Het document dateert van december 1940, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de oorlogssituatie ongetwijfeld invloed had op de handel en de beschikbaarheid van goederen, laat dit document zien dat de reguliere gemeentelijke bureaucratie en de handhaving van marktverordeningen gewoon doorgingen.

Markten waren in deze periode van cruciaal belang voor de voedselvoorziening en de distributie van schaarse goederen. De autoriteiten hadden er groot belang bij dat toegewezen standplaatsen ook daadwerkelijk werden gebruikt om de doorstroming van goederen naar de burgerbevolking te garanderen en de marktgelden te innen. Het feit dat er vijf andere kooplieden worden genoemd die wel dagelijks aanwezig zijn, suggereert dat er ondanks de oorlog nog sprake was van actieve concurrentie binnen bepaalde handelsbranches op de lokale markt.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk advies aan de Inspecteur van het Marktwezen betreffende de exploitatie van een marktstandplaats. De kern van de zaak is een verzoek van een zekere heer J.G. van Andel om "uitstel" (vermoedelijk voor het verplicht innemen van zijn standplaats).

De schrijver adviseert negatief op dit verzoek. De argumentatie is tweeledig:
1. Slecht gedrag/verzuim: Van Andel is reeds meerdere malen gewaarschuwd omdat hij vaker afwezig is dan aanwezig ("hij komt meer niet, dan wel op de markt").
2. Economisch nut en concurrentie: Er is voldoende animo van andere kooplieden (met name genoemd: Bruijs, Bron, Boot, Kinne en v. Cleef) die in dezelfde branche werkzaam zijn en wel dagelijks hun plek innemen.

De toon is zakelijk en beslist. De schrijver geeft prioriteit aan kooplieden die bijdragen aan de continuïteit en levendigheid van de markt boven iemand die zijn verplichtingen niet nakomt.

Historische Context

Het document dateert van december 1940, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de oorlogssituatie ongetwijfeld invloed had op de handel en de beschikbaarheid van goederen, laat dit document zien dat de reguliere gemeentelijke bureaucratie en de handhaving van marktverordeningen gewoon doorgingen.

Markten waren in deze periode van cruciaal belang voor de voedselvoorziening en de distributie van schaarse goederen. De autoriteiten hadden er groot belang bij dat toegewezen standplaatsen ook daadwerkelijk werden gebruikt om de doorstroming van goederen naar de burgerbevolking te garanderen en de marktgelden te innen. Het feit dat er vijf andere kooplieden worden genoemd die wel dagelijks aanwezig zijn, suggereert dat er ondanks de oorlog nog sprake was van actieve concurrentie binnen bepaalde handelsbranches op de lokale markt.

Gerelateerde Documenten 6