Handgeschreven verzoekschrift / brief.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift / brief. 21 december 1940 (gebaseerd op het stempel onderaan). W.M. de Wolff, Wagenaarstraat 70 A III, Amsterdam (Oost). Vermoedelijk de Marktmeester of het Gemeentebestuur van Amsterdam ("Mijne Heeren"). [Rechtsboven in paars potlood/inkt:]
mi. Insp.
Mijne Heeren
Ondergetekende
verzoekt beleefd of ik niet
een paar maanden uitstel kan
krijgen van de weekmarkt westerstraat
daar ik alle dagen sta in de
dapperstraat kan ik niet smaandags
om vijf uur ik gepakt wezen.
daar ik ook niet genoeg Handel kan
krijgen daar ik alles op bonnen moet
verkoopen.
ik Hoop van u een gunstig
antwoord te krijgen
Hoogachtend
W.M. de Wolff
Wagenaarstraat 70 A III
Amsterdam
(Oost)
[Stempel onderaan:]
№ 33/115/1 M. 1940 21/12 In deze brief verzoekt de heer W.M. de Wolff om een tijdelijke ontheffing of uitstel van zijn verplichtingen op de weekmarkt in de Westerstraat (de Jordaan). Hij voert hiervoor twee redenen aan:
1. Logistieke overlap: Hij heeft een vaste staanplaats op de Dapperstraatmarkt (Amsterdam-Oost) waar hij dagelijks staat. Hierdoor is het voor hem onmogelijk om op maandagochtend al om vijf uur present te zijn op de Westerstraatmarkt ("ik gepakt wezen" verwijst naar het opgebouwd/klaarstaan met de handelswaar).
2. Economische malaise: Hij geeft aan dat de handel moeizaam verloopt omdat hij al zijn producten tegen inlevering van distributiebonnen moet verkopen. Dit beperkt zijn omzet en de animo van het publiek.
De schrijfstijl is die van een kleine zelfstandige uit die tijd: een poging tot formeel taalgebruik ("Mijne Heeren", "Hoogachtend") vermengd met spreektaal en enkele archaïsche spelfouten (zoals "smaandags" en "verkoopen"). Het document dateert van december 1940, het eerste jaar van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De vermelding dat alles "op bonnen" verkocht moet worden, illustreert de invoering van het distributiestelsel, dat door de bezetter was opgelegd om de schaarste aan goederen en voedsel te beheersen.
De genoemde markten (Westerstraat en Dapperstraat) zijn nog steeds prominente Amsterdamse markten. De Wagenaarstraat 70-III bevindt zich in de Dapperbuurt, wat verklaart waarom de afzender daar dagelijks op de markt staat. Gezien de achternaam 'De Wolff' en de historische context, is dit mogelijk een document uit een dossier betreffende Joodse markthandelaren, die in de loop van 1941 steeds vaster kwamen te zitten in een web van beperkende maatregelen en uitsluiting door de bezetter. W.M. de Wolff