Archief 745
Inventaris 745-325
Pagina 208
Dossier 55
Jaar 1940
Stadsarchief

Archiefdocument

11 januari 1940. Van: Directie van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-West. Aan: De firma G. v.d. Wal & Co., Pakhuisafdeeling no. H 13, Centrale Markt, Amsterdam (Alhier W.).

Origineel

11 januari 1940. Directie van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-West. De firma G. v.d. Wal & Co., Pakhuisafdeeling no. H 13, Centrale Markt, Amsterdam (Alhier W.). DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN.

No. 37/1/7 M.
Amsterdam-West, 11 Januari 1940
Jan van Galenstraat 14.

Aan
de fa. G. v.d. Wal & Co.
Pakhuisafdeeling no. H 13,
Centrale Markt,
Alhier (W).

Verzonden 12/1-'40 [in handschrift]

In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde
huurcontract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling
op de Centrale Markt te doen toekomen.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit,
dat, ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk
Wetboek reparatiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz.,
voor Uw rekening zijn.
Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering,
dat artikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of
aankondigingen te Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of
op het gehuurde aan te brengen, zonder mijn schriftelijke toe-
stemming. U gelieve zich in alle gevallen, waarin U tot het
aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding wenscht over te
gaan, vóóraf met mij te verstaan.

De Directeur, Deze brief dient als formele begeleiding bij de toezending van een huurcontract voor een pakhuisruimte op de Centrale Markt in Amsterdam. De directeur van het Marktwezen legt hierbij de nadruk op twee specifieke punten uit de overeenkomst:
1. Onderhoud: De huurder is zelf verantwoordelijk voor kleine herstellingen (zoals hang- en sluitwerk en ruiten), conform het toenmalige Burgerlijk Wetboek (artikel 1619).
2. Uitingen: Er mogen geen reclameborden of aankondigingen worden geplaatst zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de directie.

De toon is uiterst formeel en zakelijk, kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd ("heb ik de eer", "U gelieve"). Het handgeschreven briefhoofd linksboven geeft de daadwerkelijke verzenddatum aan (één dag na datering). De brief dateert van vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Nederland (mei 1940). De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was op dat moment het logistieke hart van de Amsterdamse voedselvoorziening. De "Directie van het Marktwezen" was de gemeentelijke instantie die de orde en de verhuur op deze terreinen reguleerde. De firma G. v.d. Wal & Co was waarschijnlijk een groothandel of exporteur die gebruikmaakte van de faciliteiten op het marktterrein. Het genoemde wetsartikel 1619 BW uit de brief betreft de zogenaamde "kleine herstellingen" die bij huur wettelijk voor rekening van de huurder komen, een principe dat in de basis nog steeds in het huidige huurrecht verankerd is.

Samenvatting

Deze brief dient als formele begeleiding bij de toezending van een huurcontract voor een pakhuisruimte op de Centrale Markt in Amsterdam. De directeur van het Marktwezen legt hierbij de nadruk op twee specifieke punten uit de overeenkomst:
1. Onderhoud: De huurder is zelf verantwoordelijk voor kleine herstellingen (zoals hang- en sluitwerk en ruiten), conform het toenmalige Burgerlijk Wetboek (artikel 1619).
2. Uitingen: Er mogen geen reclameborden of aankondigingen worden geplaatst zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de directie.

De toon is uiterst formeel en zakelijk, kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd ("heb ik de eer", "U gelieve"). Het handgeschreven briefhoofd linksboven geeft de daadwerkelijke verzenddatum aan (één dag na datering).

Historische Context

De brief dateert van vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Nederland (mei 1940). De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was op dat moment het logistieke hart van de Amsterdamse voedselvoorziening. De "Directie van het Marktwezen" was de gemeentelijke instantie die de orde en de verhuur op deze terreinen reguleerde. De firma G. v.d. Wal & Co was waarschijnlijk een groothandel of exporteur die gebruikmaakte van de faciliteiten op het marktterrein. Het genoemde wetsartikel 1619 BW uit de brief betreft de zogenaamde "kleine herstellingen" die bij huur wettelijk voor rekening van de huurder komen, een principe dat in de basis nog steeds in het huidige huurrecht verankerd is.

Gerelateerde Documenten 6