Getypte ambtelijke brief (doorslag).
Origineel
Getypte ambtelijke brief (doorslag). 27 december 1940. De Directeur (vermoedelijk van een plaatselijk bureau van de Voedselvoorziening of Distributiekantoor). [Handgeschreven bovenaan midden:]
Verzonden 27/12
[Rechtsboven:]
HG.
[Rechts:]
den Heer Rijksinspecteur voor het
Verkeer,
Hazepaterslaan 34,
H A A R L E M .
[Links:]
37/59/30 M.
[Rechts:]
27 December 1940.
[Inhoud:]
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat bij dezerzijds
gehouden contrôle is gebleken, dat S.Bak, groentenhandelaar,
Edam, hier ter stede, in strijd met de desbetreffende voorschrif-
ten, groente en fruit aflevert aan winkeliers. In overeenstemming
met een met U gemaakte afspraak heb ik de eer U beleefd te verzoe-
ken wel te willen bevorderen, dat de aan S.Bak voornoemd verleende
benzinevergunning wordt ingetrokken.
[Rechtsonder:]
De Directeur, * Kernboodschap: De brief is een formeel verzoek om de benzinevergunning van groentenhandelaar S. Bak uit Edam in te trekken.
* Aanleiding: Tijdens een controle is geconstateerd dat Bak groente en fruit aan winkeliers leverde, wat op dat moment in strijd was met de geldende distributievoorschriften.
* Toon: De brief is geschreven in de uiterst formele, ambtelijke stijl van die tijd ("heb ik de eer U te berichten", "beleefd te verzoeken").
* Bestuurlijke context: Er is sprake van een afgestemde actie tussen verschillende overheidsinstanties (de lokale controle-instantie en de Rijksinspectie voor het Verkeer) om economische overtredingen te bestraffen door het ontnemen van noodzakelijke middelen (brandstof). Dit document stamt uit de beginperiode van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In december 1940 was de schaarste aan goederen en brandstoffen al merkbaar en was er een strikt systeem van distributie en vergunningen van kracht.
De bezetter maakte gebruik van het bestaande Nederlandse ambtenarenapparaat om de economie te controleren. Benzine was uiterst schaars en werd alleen toegewezen voor essentieel transport. Het overtreden van de leveringsvoorschriften (bijvoorbeeld door buiten de toegestane kanalen om aan winkeliers te leveren) werd streng gesanctioneerd. Het intrekken van een benzinevergunning betekende voor een handelaar in die tijd feitelijk het einde van zijn bedrijfsvoering per gemotoriseerd vervoer. Dit type correspondentie illustreert de bureaucratische controle op de voedselvoorziening en de mobiliteit tijdens de bezettingsjaren. S. Bak