Zakelijke correspondentie (briefkaart of briefgedeelte).
Origineel
Zakelijke correspondentie (briefkaart of briefgedeelte). 28 oktober 1940 (gezien het handschrift en de context van de treinlogistiek). M. J. Visscher (vermoedelijk), gevestigd te Hees. De Gemeentelijke Visafslag te Amsterdam. de Gem: Vischafslag. – Amsterdam.
Mijnheer! Is voor Snoekbaars, – Snoek, –
blei, – etc: in A’dam een goede markt?
Welke zijn de kosten van verkoop?
Worden zendingen, per trein vervoerd,
en die ’s avonds in A’dam komen of ’s morgens
heel vroeg nog denzelfden morgen verkocht.
De uwe wachtende
Hoogachtend.
Hees [Handtekening: M. J. Visscher]
28/10 – 40. In deze brief doet een vishandelaar of visser uit Hees (nabij Nijmegen) navraag naar de marktcondities bij de Amsterdamse Gemeentelijke Visafslag. De schrijver richt zich specifiek op zoetwatervissen (snoekbaars, snoek en blei), wat suggereert dat de vis afkomstig is uit de nabijgelegen rivieren of plassen.
Er worden drie kernvragen gesteld:
1. Is er een goede afzetmarkt voor deze vissoorten in Amsterdam?
2. Wat zijn de veilingkosten (commissie en onkosten)?
3. Hoe zit het met de logistieke snelheid: kan vis die per trein arriveert ('s avonds of zeer vroeg in de ochtend) direct dezelfde ochtend nog geveild worden?
De nadruk op de snelheid van verkoop onderstreept het belang van versheid bij de handel in riviervis. De Gemeentelijke Visafslag in Amsterdam speelde in de eerste helft van de 20e eeuw een centrale rol in de voedselvoorziening van de stad. Vanaf 1934 was de afslag gevestigd bij de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat.
Het vervoer van bederfelijke waren zoals vis via het spoorwegnet was in 1940 de standaard voor transport over grotere afstanden. Hees was destijds een dorp (tegenwoordig een wijk van Nijmegen) met een goede verbinding naar Amsterdam. De datum 28 oktober 1940 valt in het eerste jaar van de Duitse bezetting, een periode waarin de logistiek en voedseldistributie onder druk kwamen te staan, wat de zakelijke toon en de specifieke vragen over de treinverbinding verklaart. J. Visscher