Ingevuld formulier (typmachine met handgeschreven toevoegingen).
Origineel
Ingevuld formulier (typmachine met handgeschreven toevoegingen). 25 april 1940. № 169.
Ondergeteekende: Wed. J. Snoek-Koffeman
wonende te: Urk wijk 5 № 26
verzoekt aan den Directeur van den afslag te Amsterdam,
telkenmale na afloop van een reis, 12½% der bruto-besomming in
te houden ter overmaking aan de Nederlandsche Visscherijcentrale.
Dit verzoek geldt voor het tijdvak van 23 April
tot en met 23 Mei 1940 en betreft het vaartuig
„Jacob” , UK 141
(naam) (letter en №)
Urk , den 25 April 1940.
- Wed J Snoek-Koffeman
(handteekening)
HE. * Doel van het document: Dit document is een machtiging van een reder (in dit geval een weduwe die de zaken van haar overleden echtgenoot voortzet) aan de directeur van een visafslag. De afslag krijgt de opdracht om direct na de verkoop van de vangst 12,5% van de bruto-opbrengst in te houden en af te dragen aan de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC).
* Sociale context: Het feit dat een "Weduwe" ondertekent, is typerend voor de visserijgemeenschappen van die tijd, waar vrouwen vaak de administratieve en zakelijke leiding overnamen na het overlijden van hun man.
* Geografische aspecten: Het vaartuig komt uit Urk (UK), maar voert de vis aan in Amsterdam. Dit wijst op de handelsrelatie tussen de Urker vloot en de grotere afslagen aan het IJsselmeer of de Noordzee.
* Tijdsperiode: Het formulier is gedateerd op 25 april 1940. De geldigheid loopt tot 23 mei 1940. Dit is historisch saillant, aangezien de Duitse inval in Nederland op 10 mei 1940 plaatsvond, precies in het midden van de looptijd van dit verzoek. De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) werd in 1934 opgericht als crisisorgaan tijdens de Grote Depressie. Het doel was de regulering van de visserijsector, het beheersen van prijzen en het creëren van sociale fondsen voor vissers. De inhoudingen op de besomming (de opbrengst van de visverkoop) werden gebruikt voor het financieren van deze centrale en voor diverse verzekerings- en pensioenfondsen voor de opvarenden.
Op het moment van ondertekenen was de Noordoostpolder nog in aanleg; Urk was technisch gezien nog een eiland, hoewel de dijkverbinding met Lemmer in 1939 was voltooid. De visserij was in deze periode onzeker vanwege de oorlogsdreiging op zee (mijnengevaar), wat de noodzaak voor centrale regulering en sociale zekerheid via de NVC vergrootte.