Archiefdocument
Origineel
1 juli 1940 De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of een gemeentelijke dienst in Leiden) S/HG.
Extra
~~48/12/2 M.~~
48/2/16 17
1 Juli 1940.
de N.V. v/h Gebr. Pel,
Morschweg 50-58,
L E I D E N .
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 26 Juni jl. (Uw referte vW/GZ) deel ik U mede, dat de in dien brief genoemde hoeveelheden wijn in het koelhuis op de Centrale Markt kunnen worden opgeslagen tegen 1 cent per kg. netto fix voor 3 maanden, behoudens de thans noodige machtiging van regeerings instanties terzake doelmatig gebruik van koelhuisruimten en mits Uwerzijds gezorgd wordt voor eventueel noodige toestemming van den Dienst der Invoerrechten en Accijnzen.
De bovenbedoelde machtiging zal direct na ontvangst bevestiging Uwerzijds door mijn dienst worden aangevraagd.
De Directeur, Deze brief is een formeel antwoord op een verzoek van de firma Gebr. Pel om wijn op te slaan in het koelhuis van de Centrale Markt. De directeur stelt een tarief voor van 1 cent per kilogram netto voor een periode van drie maanden.
Er worden echter twee belangrijke voorwaarden gesteld:
1. Overheidsmachtiging: Er is toestemming nodig van overheidsinstanties wat betreft het "doelmatig gebruik" van koelruimte.
2. Fiscale toestemming: De firma Gebr. Pel moet zelf zorgen voor de nodige documentatie/toestemming van de Dienst der Invoerrechten en Accijnzen, aangezien het om accijnsgoederen (wijn) gaat.
De brief toont een strakke administratieve afhandeling met duidelijke verwijzingen naar eerdere correspondentie en dossiernummers. De datum van de brief, 1 juli 1940, is saillant. Nederland was op dat moment net enkele weken bezet door nazi-Duitsland (sinds mei 1940). De noodzaak voor een machtiging van regeringsinstanties voor het "doelmatig gebruik" van koelruimten wijst op de beginnende oorlogseconomie en distributiecontroles. In tijden van schaarste en bezetting werden opslagfaciliteiten zoals koelhuizen streng gereguleerd om ervoor te zorgen dat ze optimaal werden benut voor essentiële goederen.
De firma Gebroeders Pel was een bekende onderneming in Leiden, gevestigd aan de Morschweg. Het feit dat zij wijn wilden opslaan in een publiek/gemeentelijk koelhuis suggereert dat hun eigen opslagcapaciteit onvoldoende was of dat de specifieke condities van het koelhuis vereist waren voor het behoud van de voorraad in onzekere tijden.