Archief 745
Inventaris 745-332
Pagina 256
Dossier 100
Jaar 1940
Stadsarchief

Blad 2 van een officiële circulaire (Nº 72).

16 oktober 1940. Van: Rijkskolenbureau.

Origineel

Blad 2 van een officiële circulaire (Nº 72). 16 oktober 1940. Rijkskolenbureau. Blad 2 van circulaire Nº 72 dd. 16 October 1940.

hiervan overbodige correspondentie en vertraging het gevolg zijn ge-
weest.

g) Proces-Verbaal. Tot dusver hebben wij bij opzettelijke onjuistheden
in de opgaven, welke bij plaatselijke controle aan het licht kwamen,
volstaan met een schriftelijke terechtwijzing. Voor het vervolg zullen
wij echter dergelijke gevallen moeten voorleggen aan den Crisis-Con-
trole-dienst, die, gebruik makende van de bevoegdheden krachtens de
Distributiewet 1939, zoo noodig tot vervolging zal overgaan.

h) Correspondentie. Wij verzoeken U, de op onze toewijzingen en corres-
pondentie aangegeven codenummers in al Uw brieven aan te halen, het-
geen de behandeling der ingekomen post te onzen kantore zeer vergemak-
kelijkt.

RIJKSKOLENBUREAU
[Handgeschreven handtekening, mogelijk: pp W. van Schevikhoven] De tekst bevat twee belangrijke administratieve en juridische mededelingen die de toenemende druk op de Nederlandse samenleving in de vroege bezettingstijd weerspiegelen:

  1. Strafrechtelijke dreiging (punt g): Er is sprake van een beleidswijziging. Waar voorheen "opzettelijke onjuistheden" (fraude of foutieve opgaven) nog werden afgedaan met een waarschuwing, wordt nu gedreigd met de Crisis-Controle-dienst en vervolging. Dit wijst op een nultolerantiebeleid om te voorkomen dat burgers of bedrijven meer brandstof proberen te verkrijgen dan waar zij recht op hebben.
  2. Bureaucratische efficiëntie (punt h): De oproep om codenummers strikt over te nemen in correspondentie duidt op de enorme werklast bij het Rijkskolenbureau. In een tijd van schaarste was de papierstroom rondom toewijzingen en distributie gigantisch; zonder codering dreigde het systeem vast te lopen. Dit document dateert van oktober 1940, de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland. Het Rijkskolenbureau speelde een centrale rol in de oorlogseconomie: het was verantwoordelijk voor de distributie van de schaars wordende voorraad steenkool, die essentieel was voor zowel de verwarming van huizen als voor de industrie.

De genoemde Distributiewet 1939 was reeds vóór de Duitse inval aangenomen om de verdeling van goederen in crisistijd te reguleren. De Crisis-Controle-dienst (CCD) fungeerde als de 'distributiepolitie' en hield toezicht op de naleving van deze regels. Omdat brandstoftekorten direct tot sociale onrust of economische stagnatie konden leiden, werd fraude met kolenopgaven door de autoriteiten (onder toezicht van de bezetter) als een zeer ernstig vergrijp beschouwd.

Samenvatting

De tekst bevat twee belangrijke administratieve en juridische mededelingen die de toenemende druk op de Nederlandse samenleving in de vroege bezettingstijd weerspiegelen:

  1. Strafrechtelijke dreiging (punt g): Er is sprake van een beleidswijziging. Waar voorheen "opzettelijke onjuistheden" (fraude of foutieve opgaven) nog werden afgedaan met een waarschuwing, wordt nu gedreigd met de Crisis-Controle-dienst en vervolging. Dit wijst op een nultolerantiebeleid om te voorkomen dat burgers of bedrijven meer brandstof proberen te verkrijgen dan waar zij recht op hebben.
  2. Bureaucratische efficiëntie (punt h): De oproep om codenummers strikt over te nemen in correspondentie duidt op de enorme werklast bij het Rijkskolenbureau. In een tijd van schaarste was de papierstroom rondom toewijzingen en distributie gigantisch; zonder codering dreigde het systeem vast te lopen.

Historische Context

Dit document dateert van oktober 1940, de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland. Het Rijkskolenbureau speelde een centrale rol in de oorlogseconomie: het was verantwoordelijk voor de distributie van de schaars wordende voorraad steenkool, die essentieel was voor zowel de verwarming van huizen als voor de industrie.

De genoemde Distributiewet 1939 was reeds vóór de Duitse inval aangenomen om de verdeling van goederen in crisistijd te reguleren. De Crisis-Controle-dienst (CCD) fungeerde als de 'distributiepolitie' en hield toezicht op de naleving van deze regels. Omdat brandstoftekorten direct tot sociale onrust of economische stagnatie konden leiden, werd fraude met kolenopgaven door de autoriteiten (onder toezicht van de bezetter) als een zeer ernstig vergrijp beschouwd.

Kooplieden in dit dossier 100