Getypte ambtelijke brief/rapportage (waarschijnlijk een doorslag).
Origineel
Getypte ambtelijke brief/rapportage (waarschijnlijk een doorslag). 4 november 1940. Onbekend (geparafeerd/ondertekend met "M. Liscma" rechtsboven), vermoedelijk een beheerder van de Centrale Markt of een gemeentelijke dienst. [Rechtsboven handgeschreven:] M. Liscma
VP/HG.
48/25/14 M.
4 November 1940.
Extra brandstoffen voor
verwarming van localen
Duitsche Weermacht.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat op verzoek van het Quartieramt alhier op 8 October jl. is begonnen met het verwarmen van die localen in de hal op de Centrale Markt, waar personeel van de Duitsche Weermacht is ingekwartierd. Het Hoofd van het Gemeentelijke Materialenbureau heeft meegedeeld, dat voor bovenbedoelde verwarming vanwege de Duitsche Weermacht de noodige brandstoffen zou^den^ worden verstrekt. Voorloopig werden de bedoelde brandstoffen uit eigen voorraad van de Centrale Markt genomen.
Van 8 tot en met 18 October jl. werd uitsluitend gestookt ten behoeve van de Duitsche Weermacht. Daarna werden ook de kantoren en veilingsalen der Nederlandsche Veiling, de sigarenmakerswerkplaatsen en de overige in de hal in gebruik zijnde kantoren verwarmd. In de eerste periode werd verstookt, dus uitsluitend voor de Duitsche Weermacht, een hoeveelheid van 2.500 kg. Van deze hoeveelheid is, naar globale raming, 1.000 kg. noodig geweest voor het eerste aanwarmen van het buizennet, hetwelk toch in elk geval had moeten geschieden. De hoeveelheid brandstof, die derhalve in die periode speciaal ten behoeve van de Duitsche Weermacht werd gebruikt, moet in verband hiermede worden verminderd en op 1.500 kg. worden gesteld.
Van 19 tot en met 31 October jl. werd verstookt 7.000 kg. Uiteraard kan niet nauwkeurig worden aangegeven, hoeveel van deze hoeveelheid speciaal voor de Duitsche Weermacht heeft gediend, aangezien alle ruimten in de hal door de zelfde centrale verwarmingsinstallatie worden verwarmd. De voor de Duitsche Weermacht gebruikte hoeveelheid wordt, in verhouding met de totale verwarmde ruimte, dezerzijds globaal geschat op 1.200 kg. In de periode van 8 tot en met 31 October wordt het verbruik aan brandstoffen ten behoeve van de Duitsche Weermacht dus geraamd 1.500 kg. + 1.200 kg. = 2.700 kg. * Inhoud: De brief is een verantwoording van het brandstofverbruik (waarschijnlijk kolen of cokes) ten behoeve van de Duitse bezetter. Er wordt een nauwkeurige scheiding gemaakt tussen het verbruik voor de Weermacht en het verbruik voor de reguliere gebruikers van de Centrale Markt (zoals de veiling en sigarenmakers).
* Administratieve nauwkeurigheid: Opvallend is de gedetailleerde berekening. Er wordt zelfs rekening gehouden met het "aanwarmen van het buizennet" (1.000 kg), wat als algemene kosten wordt gezien en niet aan de Weermacht wordt toegerekend.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk taalgebruik ("Hiermede heb ik de eer U te berichten", "jl." voor jongstleden). De spelling is deels verouderd ("localen", "Duitsche"). * Vroege bezetting: Het document dateert van november 1940, slechts enkele maanden na de Nederlandse capitulatie in mei 1940. Het laat zien hoe snel het Duitse leger (via het Quartieramt, het bureau voor inkwartiering) beslag legde op civiele infrastructuur.
* Schaarsheid: Brandstof was een cruciaal en schaars goed tijdens de oorlog. De noodzaak om exact vast te leggen hoeveel brandstof door de bezetter werd verbruikt, was essentieel voor de gemeentelijke boekhouding en de distributievoorziening.
* Centrale Markthallen: De verwijzing naar de "Centrale Markt" duidt zeer waarschijnlijk op het complex aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam. De inkwartiering van troepen in dergelijke grote hallen was gebruikelijk vanwege de beschikbare ruimte en centrale ligging.