Archief 745
Inventaris 745-332
Pagina 265
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag) met handgeschreven kanttekeningen.

4 november 1940. Van: Onbekend (mogelijk directeur van de Centrale Markt of een gemeentelijke dienst), met handtekening rechtsboven (mogelijk "H. Giesma").

Origineel

Getypte brief (doorslag) met handgeschreven kanttekeningen. 4 november 1940. Onbekend (mogelijk directeur van de Centrale Markt of een gemeentelijke dienst), met handtekening rechtsboven (mogelijk "H. Giesma"). [Handgeschreven rechtsboven:] h. Giesma (?)
[Handgeschreven middenboven:] Verzonden 5/11

VP/HG.
48/25/14 M.

4 November 1940.

Extra brandstoffen voor verwarming van localen Duitsche Weermacht.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat op verzoek van het Quartieramt alhier op 8 October jl. is begonnen met het verwarmen van die localen in de hal op de Centrale Markt, waar personeel van de Duitsche Weermacht is ingekwartierd. Het Hoofd van het Gemeentelijke Materialenbureau heeft meegedeeld, dat voor bovenbedoelde verwarming vanwege de Duitsche Weermacht de noodige brandstoffen zouden worden verstrekt. Voorloopig werden de bedoelde brandstoffen uit eigen voorraad van de Centrale Markt genomen.

Van 8 tot en met 18 October jl. werd uitsluitend gestookt ten behoeve van de Duitsche Weermacht. Daarna werden ook de kantoren en veilingzalen der Nederlandsche Veiling, de sigarenmakerswerkplaatsen en de overige in de hal in gebruik zijnde kantoren verwarmd. In de eerste periode werd verstookt, dus uitsluitend voor de Duitsche Weermacht, een hoeveelheid van 2.500 kg. Van deze hoeveelheid is, naar globale raming, 1.000 kg. noodig geweest voor het eerste aanwarmen van het buizennet, hetwelk toch in elk geval had moeten geschieden. De hoeveelheid brandstof die derhalve in die periode speciaal ten behoeve van de Duitsche Weermacht werd gebruikt, moet in verband hiermede worden verminderd en op 1.500 kg. worden gesteld. [Redactie: getal 1.500 kg. is in het origineel rood onderstreept].

Van 19 tot en met 31 October jl. werd verstookt 7.000 kg. Uiteraard kan niet nauwkeurig worden aangegeven, hoeveel van deze hoeveelheid speciaal voor de Duitsche Weermacht heeft gediend, aangezien alle ruimten in de hal door dezelfde centrale verwarmingsinstallatie worden verwarmd. De voor de Duitsche Weermacht gebruikte hoeveelheid wordt, in verhouding met de totale verwarmde ruimte, dezerzijds globaal geschat op 1.200 kg. [Redactie: getal 1.200 kg. is in het origineel rood onderstreept]. In de periode van 8 tot en met 31 October wordt het verbruik aan brandstoffen ten behoeve van de Duitsche Weermacht dus geraamd 1.500 kg. + 1.200 kg. = 2.700 kg. [Redactie: getal 2.700 kg. is in het origineel dubbel rood onderstreept]. * Inhoud: De brief is een ambtelijke verantwoording van het kolenverbruik ten behoeve van de Duitse bezetter op het terrein van de Centrale Markt in Amsterdam. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen de periode waarin enkel de Duitsers aanwezig waren en de periode waarin ook Nederlandse diensten (veiling, sigarenmakers) gebruikmaakten van de centrale verwarming.
* Taalgebruik: Formeel en zakelijk ("Hiermede heb ik de eer U te berichten"). Er wordt gebruikgemaakt van de toen geldende spelling (bijv. "Duitsche", "localen").
* Calculatie: Er is sprake van een nauwkeurige administratieve afbakening. De schrijver probeert de 'kosten' voor de gemeente te beperken door 1.000 kg aan te merken als noodzakelijk onderhoud (aanwarmen buizennet), waardoor de claim aan de Duitsers lager uitvalt (van 2.500 naar 1.500 kg).
* Visuele kenmerken: De rode onderstrepingen suggereren dat een controleur of accountant de eindtotalen heeft geverifieerd. De handgeschreven aantekening "Verzonden 5/11" duidt op een efficiënte administratieve verwerking. Dit document stamt uit de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland (november 1940). Het illustreert de dagelijkse realiteit van de inkwartiering: Duitse troepen namen hun intrek in openbare en commerciële gebouwen zoals de Centrale Markt in Amsterdam. Hoewel de bezetter beloofde eigen brandstof te leveren, moest de gemeente in de praktijk vaak putten uit eigen (schaarse) voorraden. De brief toont de bureaucratische strijd om schaarse middelen (brandstof) en de noodzaak voor lokale overheden om exact te registreren wat er door de bezettingsmacht werd verbruikt, waarschijnlijk met het oog op latere verrekening of verantwoording van tekorten aan de eigen bevolking.

Samenvatting

  • Inhoud: De brief is een ambtelijke verantwoording van het kolenverbruik ten behoeve van de Duitse bezetter op het terrein van de Centrale Markt in Amsterdam. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen de periode waarin enkel de Duitsers aanwezig waren en de periode waarin ook Nederlandse diensten (veiling, sigarenmakers) gebruikmaakten van de centrale verwarming.
  • Taalgebruik: Formeel en zakelijk ("Hiermede heb ik de eer U te berichten"). Er wordt gebruikgemaakt van de toen geldende spelling (bijv. "Duitsche", "localen").
  • Calculatie: Er is sprake van een nauwkeurige administratieve afbakening. De schrijver probeert de 'kosten' voor de gemeente te beperken door 1.000 kg aan te merken als noodzakelijk onderhoud (aanwarmen buizennet), waardoor de claim aan de Duitsers lager uitvalt (van 2.500 naar 1.500 kg).
  • Visuele kenmerken: De rode onderstrepingen suggereren dat een controleur of accountant de eindtotalen heeft geverifieerd. De handgeschreven aantekening "Verzonden 5/11" duidt op een efficiënte administratieve verwerking.

Historische Context

Dit document stamt uit de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland (november 1940). Het illustreert de dagelijkse realiteit van de inkwartiering: Duitse troepen namen hun intrek in openbare en commerciële gebouwen zoals de Centrale Markt in Amsterdam. Hoewel de bezetter beloofde eigen brandstof te leveren, moest de gemeente in de praktijk vaak putten uit eigen (schaarse) voorraden. De brief toont de bureaucratische strijd om schaarse middelen (brandstof) en de noodzaak voor lokale overheden om exact te registreren wat er door de bezettingsmacht werd verbruikt, waarschijnlijk met het oog op latere verrekening of verantwoording van tekorten aan de eigen bevolking.

Kooplieden in dit dossier 100