Getypte brief (formele waarschuwing)
Origineel
Getypte brief (formele waarschuwing) 4 januari 1940 De Directeur (waarschijnlijk van de Gemeentelijke Dienst der Marktwezen) Den Heer W. v.d. Hoek, Zwanenburgwal 3 I, Amsterdam-Centrum [Rechtsboven, handgeschreven:]
Zen. k. de Kan.
[Midden boven, getypt:]
DV.
[Midden boven, handgeschreven:]
extra
[Linksboven, getypt:]
90/1/3 M.
[Rechts, getypt:]
4 Januari 1940
den Heer W. v.d. Hoek,
Zwanenburgwal 3 I,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.
Mij is gerapporteerd, dat U zich op 30 December j.l.
op de markt Mosplein heeft laten bijstaan door Uw zoon, zonder
daarvoor mijn toestemming te hebben gekregen.
Ik waarschuw U hierbij ernstig dit voortaan na te
laten.
De Directeur, Deze brief is een strikte administratieve berisping gericht aan een markthandelaar. De kern van de overtreding is dat de geadresseerde, de heer W. v.d. Hoek, zich op de markt op het Mosplein (Amsterdam-Noord) heeft laten helpen door zijn zoon zonder de vereiste officiële toestemming.
De toon van de brief is autoritair en kortaf ("Ik waarschuw U hierbij ernstig"). Dit wijst op een klimaat van strenge handhaving van marktreglementen. Het feit dat er voor hulp van een direct familielid al een formele vergunning of toestemming nodig was, illustreert de vergaande bureaucratische controle op de markthandel in die periode. De brief dateert van januari 1940, de periode van de Nederlandse mobilisatie vlak voor de Duitse inval in mei 1940. Terwijl Europa in spanning zat, functioneerde het gemeentelijk apparaat in Amsterdam nog op volle toeren volgens de geldende regels en procedures.
De markt op het Mosplein was een belangrijke spil in de voedselvoorziening en handel in Amsterdam-Noord. Toezicht op deze markten was essentieel voor de gemeente om de openbare orde te bewaren en te garanderen dat handelaren zich aan hun vergunningsvoorwaarden hielden. Het "na te laten" aan het einde van de brief is een archaïsche, formele wijze om de handelaar te sommeren de overtreding niet te herhalen. W. v.d. Hoek Marktwezen
Samenvatting
Deze brief is een strikte administratieve berisping gericht aan een markthandelaar. De kern van de overtreding is dat de geadresseerde, de heer W. v.d. Hoek, zich op de markt op het Mosplein (Amsterdam-Noord) heeft laten helpen door zijn zoon zonder de vereiste officiële toestemming.
De toon van de brief is autoritair en kortaf ("Ik waarschuw U hierbij ernstig"). Dit wijst op een klimaat van strenge handhaving van marktreglementen. Het feit dat er voor hulp van een direct familielid al een formele vergunning of toestemming nodig was, illustreert de vergaande bureaucratische controle op de markthandel in die periode.
Historische Context
De brief dateert van januari 1940, de periode van de Nederlandse mobilisatie vlak voor de Duitse inval in mei 1940. Terwijl Europa in spanning zat, functioneerde het gemeentelijk apparaat in Amsterdam nog op volle toeren volgens de geldende regels en procedures.
De markt op het Mosplein was een belangrijke spil in de voedselvoorziening en handel in Amsterdam-Noord. Toezicht op deze markten was essentieel voor de gemeente om de openbare orde te bewaren en te garanderen dat handelaren zich aan hun vergunningsvoorwaarden hielden. Het "na te laten" aan het einde van de brief is een archaïsche, formele wijze om de handelaar te sommeren de overtreding niet te herhalen.