Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag/archiefexemplaar).
Origineel
Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag/archiefexemplaar). 5 Maart 1941. De Directeur (van een gemeentelijk bedrijf). Den Heer Administrateur, Hoofd der Afdeeling Assurantiezaken en W.H., Raadhuis, Alhier. Extra [handgeschreven]
D/HG.
den Heer Administrateur, Hoofd der
Afdeeling Assurantiezaken en W.H.
Raadhuis,
A l h i e r .
3/5/4 M. 1 5 Maart 1941.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 28 Februari jl. Letter
II H No.43 heb ik de eer U in bijlage dezes een opgave te zenden
van de schade, welke ten gevolge van oorlogsgeweld is toegebracht
aan gemeente-eigendommen, die onder mijn bedrijf ressorteeren.
De Directeur, * Inhoud: De brief dient als begeleidend schrijven bij een lijst (opgave) van geleden oorlogsschade. De directeur van een gemeentelijk onderdeel rapporteert aan de afdeling Assurantiezaken over de schade die aan eigendommen binnen zijn beheer is toegebracht.
* Formulering: Het taalgebruik is uiterst formeel en ambtelijk ("heb ik de eer U", "in bijlage dezes", "ressorteeren"). Dit is typerend voor de Nederlandse administratieve correspondentie van de eerste helft van de 20e eeuw.
* Afkortingen: "W.H." in de adressering staat vrijwel zeker voor 'Wederopbouw en Huisvesting', een afdeling die na de verwoestingen van mei 1940 van groot belang was voor gemeentebesturen. * Historische periode: Geschreven in maart 1941, nog geen jaar na de Duitse inval in Nederland. Het land bevindt zich in de beginfase van de bezetting.
* Oorlogsschade: Hoewel de grootschalige bombardementen van mei 1940 (zoals op Rotterdam) de bekendste bron van schade waren, bleven gemeenten ook daarna schade inventariseren door luchtaanvallen, artillerievuur of andere militaire handelingen.
* Bureaucratie: Het document illustreert hoe de gemeentelijke bureaucratie ook onder bezetting bleef functioneren. Schade werd nauwgezet geregistreerd voor verzekeringsdoeleinden en toekomstig herstel. Het ontbreken van een specifieke plaatsnaam (behalve "Alhier") suggereert dat dit document afkomstig is uit een stedelijk archief waar de correspondentie intern het stadhuis of de gemeentelijke diensten betrof. W.H. Stadhuis
Samenvatting
- Inhoud: De brief dient als begeleidend schrijven bij een lijst (opgave) van geleden oorlogsschade. De directeur van een gemeentelijk onderdeel rapporteert aan de afdeling Assurantiezaken over de schade die aan eigendommen binnen zijn beheer is toegebracht.
- Formulering: Het taalgebruik is uiterst formeel en ambtelijk ("heb ik de eer U", "in bijlage dezes", "ressorteeren"). Dit is typerend voor de Nederlandse administratieve correspondentie van de eerste helft van de 20e eeuw.
- Afkortingen: "W.H." in de adressering staat vrijwel zeker voor 'Wederopbouw en Huisvesting', een afdeling die na de verwoestingen van mei 1940 van groot belang was voor gemeentebesturen.
Historische Context
- Historische periode: Geschreven in maart 1941, nog geen jaar na de Duitse inval in Nederland. Het land bevindt zich in de beginfase van de bezetting.
- Oorlogsschade: Hoewel de grootschalige bombardementen van mei 1940 (zoals op Rotterdam) de bekendste bron van schade waren, bleven gemeenten ook daarna schade inventariseren door luchtaanvallen, artillerievuur of andere militaire handelingen.
- Bureaucratie: Het document illustreert hoe de gemeentelijke bureaucratie ook onder bezetting bleef functioneren. Schade werd nauwgezet geregistreerd voor verzekeringsdoeleinden en toekomstig herstel. Het ontbreken van een specifieke plaatsnaam (behalve "Alhier") suggereert dat dit document afkomstig is uit een stedelijk archief waar de correspondentie intern het stadhuis of de gemeentelijke diensten betrof.