Ambtelijke nota / brief.
Origineel
Ambtelijke nota / brief. 3 februari 1941. Waarschijnlijk een beheerder of ambtenaar van de Centrale Markt (ondertekening rechtsboven: "G. Müller", kenmerk "D/HG."). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam ("Alhier"). [Rechtsboven handgeschreven:] G. Müller
[Bovenaan gecentreerd gestempeld/handgeschreven:] Verzonden 4/2
D/HG.
7/4/2 M.
1 3 Februari 1941.
Nota accountant Financiën
inzake aanschaffing vulpen-
houder. den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 27
Januari jl. om advies ontvangen stukken No.176/82.2 Fin./
166 L.M.1941 heb ik de eer U het volgende te berichten.
De practijk heeft op de Centrale Markt geleerd, dat
de huurders der pakhuisafdeelingen voor het teekenen der huur-
contracten in hun pakhuizen moeten worden opgezocht; in den
aanvang werden namelijk de betreffende personen opgeroepen
om op mijn kantoor te komen teekenen; dit geschiedde dan
eerst, nadat vele malen was gewaarschuwd; hiermede ging veel
tijd verloren hetgeen een beletsel voor een vlotte verhuring
bleek te zijn. Daarom werd in het jaar 1936 deze aangelegen-
heid mondeling besproken met den accountant Rozenberg, die
destijds was belast met de contrôle over mijn dienst. Hem
werd de vraag voorgelegd of de onderhavige contracten met
anilinepotlood konden worden geteekend; hierop werd ontken-
nend geantwoord, omdat deze accountant het niet gewenscht
achtte, den Burgemeester contracten voor te leggen, welke
door de wederpartij met potlood waren geteekend. Ik werd dan
ook gemachtigd over te gaan tot het aanschaffen van eenige
vulpenhouders. Op 23 December 1936 werd gekocht bij "De
Vulpenimporteurs" 1 vulpen à f 3,25 en op 17 December 1937
1 vulpen bij Gebr.Winter à f 3,-; deze uitgaven werden per
kas voldaan.
De onderhavige aanschaffing is een vervanging van
een der bovenbedoelde vulpenhouders, welke onbruikbaar was
geworden. Daar door het personeel geklaagd werd over de
slechte kwaliteit van den in 1936 aangeschafte vulpenhouder,
is er thans een van betere kwaliteit aangeschaft.
Op grond van het bovenstaande ben ik van meening,
dat de aanschaffing op zichzelf te verantwoorden was en der-
halve ten laste van de Gemeente behoort te blijven. * Inhoud: De nota dient als verweer tegen een opmerking van de accountant van Financiën over de aanschaf van een vulpen. De schrijver legt uit dat voor de efficiëntie op de Centrale Markt contracten ter plekke in de pakhuizen getekend moeten worden. Omdat een potlood (anilinepotlood) juridisch of ceremonieel niet volstond voor documenten die aan de Burgemeester werden voorgelegd, was de aanschaf van vulpennen noodzakelijk.
* Bureaucratie: Het document is een treffend voorbeeld van de verregaande ambtelijke precisie en zuinigheid in die tijd. Voor een uitgave van slechts enkele guldens (f 3,25) wordt een uitvoerige historische rechtvaardiging geschreven, waarbij zelfs teruggegrepen wordt op mondelinge afspraken uit 1936.
* Taalgebruik: Formeel, afstandelijk en archaïsch Nederlands ("heb ik de eer U het volgende te berichten", "onderhavige", "kantbrief").
* Fysieke kenmerken: Het betreft een doorslag op dun, grijsachtig papier, typerend voor de schaarste of de standaard kantoorvoorraad in de vroege oorlogsjaren. * Tijdsbeeld: Hoewel gedateerd op 3 februari 1941, midden in de Duitse bezetting van Nederland, ademt het document de sfeer van de vooroorlogse gemeentelijke bureaucratie. Er is geen directe verwijzing naar de oorlogsomstandigheden, behalve wellicht de soberheid in uitgaven.
* Locatie: De "Centrale Markt" verwijst naar de Centrale Markthallen in Amsterdam-West, destijds de spil van de voedselvoorziening in de stad. De wethouder voor Levensmiddelen had in deze periode een uiterst cruciale rol vanwege de beginnende schaarste en distributie.
* Technologie: De vulpen was in 1941 het standaard schrijfinstrument voor officiële documenten. De balpen was nog niet op de markt. Het genoemde "anilinepotlood" (ook wel kopieerpotlood genoemd) werd vaak gebruikt voor administratie omdat de tekst niet uitgegumd kon worden zonder sporen na te laten, maar het werd hier dus ongeschikt geacht voor contracten.