Instructietekst bij een officieel formulier of een informatieve bijlage.
Origineel
Instructietekst bij een officieel formulier of een informatieve bijlage. N.B. Indien de werkgever de belasting ten kantore van den ontvanger of op een kantoor der posterijen afdraagt, behoort hij aldaar tegelijkertijd de loonbelastingaangifte in te leveren. Deze aangifte wordt door den ontvanger aan den desbetreffenden inspecteur doorgezonden. De ontvanger, resp. de postambtenaar, geeft den werkgever een quitantie af.
Indien de werkgever de belasting door overschrijving of storting op de girorekening van den ontvanger heeft voldaan, doet deze hem een bewijs van ontvangst toekomen. De werkgever behoort op het voor den ontvanger bestemde girostrookje, behalve zijn naam en adres, te vermelden: 1°. de aanduiding „Loonbelasting”; 2°. het tijdvak waarover de belasting is ingehouden, en 3°. eventueel zijn stamnummer. De werkgever hecht het bewijs van ontvangst aan de loonbelastingaangifte. Hij behoort deze aangifte vervolgens — uiterlijk op den vijftienden dag van de maand waarin de belasting is afgedragen — aan den inspecteur te doen toekomen.
De werkgever, die in een maand (voor huispersoneel: in een kwartaal) geen loon heeft uitbetaald, moet uiterlijk op den tienden dag, volgende op dit tijdvak, een negatieve loonbelastingaangifte aan den inspecteur doen toekomen.
Indien een werkgever geen werknemers meer in zijn dienst heeft en niet voornemens is in den loop van het jaar werknemers in zijn dienst te nemen, kan hij den inspecteur verzoeken van de in het vorige lid bedoelde verplichting te worden vrijgesteld.
Voor de ongefrankeerde verzending van de loonbelastingaangiften zijn bij den inspecteur omslagen verkrijgbaar. De tekst biedt een helder overzicht van de administratieve verplichtingen van een werkgever met betrekking tot de loonbelasting. Er wordt onderscheid gemaakt tussen drie wijzen van afdracht: contant/fysiek bij een kantoor, via een giro-overschrijving, en de situatie van een 'negatieve' aangifte (wanneer er geen loon is uitgekeerd).
Opvallend is de gedetailleerde voorschrijving voor het invullen van het girostrookje en de strikte deadlines (de 10e of 15e van de maand). De taal is formeel-juridisch en maakt gebruik van de oude spelling (bijv. "den ontvanger", "quitantie", "vijftienden"), wat duidt op een document van vóór de spellingshervorming van 1947 of uit een periode waarin deze ambtelijke schrijfwijze nog gangbaar was. De loonbelasting werd in Nederland in 1941 ingevoerd tijdens de Duitse bezetting als een directe belasting die door de werkgever op het loon moest worden ingehouden. Deze tekst illustreert de bureaucratische afhandeling in de beginperiode van dit systeem. Het vermelden van "huispersoneel" herinnert aan een tijd waarin het in dienst hebben van personeel aan huis nog een gangbaar fenomeen was dat apart in de belastingwetgeving werd behandeld. De mogelijkheid tot betaling bij "een kantoor der posterijen" wijst op de centrale rol die de PTT destijds speelde in het betalingsverkeer.