Officieel extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.
Origineel
Officieel extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. 18 januari 1941. Nº 8A/2/7 M. 1941 25/1 [handgeschreven toevoeging] | Marktw. [handgeschreven]
No. 1583/23.5 Fin. 1940. | Loonbelasting en gemeente-
lijke comptabiliteit.
162 Lm. 1941
[Handgeschreven paraaf/tekening in rode en zwarte inkt]
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam
Zaterdag, 18 Januari 1941.
De Wethouder voor de Financiën deelt aan de Vergadering mede, dat onder dagteekening van 8 Januari 1941, 3e Afdeeling A No: 113 van Gedeputeerde Staten van Noordholland een circulaire is ontvangen met betrekking tot de inhouding van de loonbelasting op het Gemeentepersoneel. Volgens deze circulaire stelt de Secretaris-Generaal van het Departement van Binnenlandsche Zaken zich op het standpunt, dat de inhouding van de loonbelasting voor het Gemeentepersoneel en de uitbetaling daarvan aan de Rijksbelasting-administratie niet buiten de begrooting en de rekening behoort te worden gehouden en dat derhalve de salarissen en loonen tot de bruto-bedragen behooren te worden uitgetrokken en verantwoord. Er bestaat evenwel geen bezwaar tegen dat de loonen netto worden uitbetaald en dat de werknemer kwiteert voor het netto-ontvangen bedrag, mits het bevelschrift ter zake van de betaling van het loon, c.q. de betaalsrol ook het brutoloon en het bedrag der inhouding vermeldt. Maandelijks kan dan een administratief bevelschrift worden opgemaakt, waarbij de verschillende posten, waarop loonen voorkomen, worden belast met de in de vorige maand ingehouden belasting ten gunste van een in hoofdstuk II der begrooting in te stellen inkomstpost "In te houden en te ontvangen loonbelasting ingevolge het Besluit op de loonbelasting 1940". Dit bevelschrift ware af te geven tegelijk met dat, waarbij de ingehouden belasting aan den Ontvanger der Directe Belastingen wordt afgedragen, ten laste van een op hoofdstuk II der begrooting in te stellen uitgaafpost "Af te dragen loonbelasting ingevolge het Besluit op de loonbelasting 1940".
Op voorstel van den Wethouder voornoemd besluit de vergadering den Wethouder voor de Financiën uit te noodigen de hoofden van diensten, bedrijven en administratiën bij circulaire aanwijzingen te geven omtrent de administratieve behandeling van de loonbelasting.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan alle afdeelingen der Gemeentesecretarie, alsmede aan het Bureau Gemeentesecretaris en Algemeene Dienst (5 stuks), den Gemeenteontvanger en het Pensioenbureau.
ET
Voor eensluidend extract,
de Secretaris,
(get.) J. F. FRANKEN
l.s.
8A/43 [handgeschreven rechtsonder] * Administratieve transitie: Het document markeert een belangrijk moment in de Nederlandse belastinggeschiedenis: de implementatie van het "Besluit op de loonbelasting 1940". Dit besluit introduceerde de loonbelasting zoals we die nu kennen, waarbij de werkgever verantwoordelijk werd voor het inhouden van de belasting aan de bron.
* Boekhoudkundige instructies: De kern van het besluit van B&W is hoe de gemeente Amsterdam dit technisch moet verwerken. Er wordt benadrukt dat lonen als bruto bedragen in de begroting moeten staan, ook al vindt de feitelijke uitbetaling netto plaats. Dit diende om een transparante verantwoording naar de Rijksbelastingdienst te waarborgen.
* Bureaucratische hiërarchie: Het document illustreert de weg van regelgeving: van de Secretaris-Generaal (Rijk) via de Gedeputeerde Staten (Provincie) naar het College van B&W (Gemeente), dat vervolgens instructies geeft aan de verschillende gemeentelijke diensten. * Oorlogstijd: De datum, 18 januari 1941, valt midden in de Duitse bezetting van Nederland. De genoemde "Secretaris-Generaal" was in deze periode de hoogste ambtenaar die onder direct toezicht van de bezetter de departementen leidde. Veel van de belastinghervormingen in 1940-1941 waren bedoeld om het Nederlandse systeem te stroomlijnen naar Duits model en de belastingopbrengsten efficiënter te innen.
* Continuïteit: Ondanks de bezetting bleef het gemeentelijk apparaat functioneren. Dit document toont de dagelijkse gang van zaken in de bureaucratie, waarbij fiscale precisie en administratieve verantwoording centraal stonden, los van de politieke realiteit van die tijd. De vermelding van het "Pensioenbureau" en de "Gemeentesecretarie" duidt op de complexe organisatie van een grote gemeente als Amsterdam.