Archief 745
Inventaris 745-273
Pagina 43
Dossier 90
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijke brief/advies.

16 januari 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een gerelateerde gemeentelijke dienst).

Origineel

Ambtelijke brief/advies. 16 januari 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een gerelateerde gemeentelijke dienst). extra [handgeschreven]

VP/G.

20/1/2 M.
1
16 Januari 1939.

Verzoek om vergunning tot branden
van pinda's op markt Mosplein.

                                  den Heer Wethouder
                                      voor de Levensmiddelen,
                                      A l h i e r.

          Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d.4

dezer om advies ontvangen stuk No.712 L.M.1938 heb ik de eer
U te berichten, dat adressant op een plaats op de markt Mos-
plein pinda's wenscht te branden op een petroleum-vergasser.
Dezerzijds bestaat tegen verleening van de daartoe vereischte
vergunning ex artikel 265 lid 1 juncto artikel 5 der Alge-
meene Politie Verordening geen bezwaar. Echter geef ik U
beleefd in overweging terzake ook het advies in te winnen
van Uw Ambtgenoot voor de Brandweer.

                                          De Directeur, Dit document is een ambtelijk advies gericht aan de Amsterdamse wethouder voor Levensmiddelen. Het betreft een aanvraag van een marktkoopman om pinda's te mogen branden op de markt aan het Mosplein in Amsterdam-Noord. De directeur van de betreffende dienst rapporteert dat er vanuit de Algemene Politieverordening (APV) geen wettelijke bezwaren zijn. Er wordt echter een belangrijk voorbehoud gemaakt: vanwege het gebruik van een "petroleum-vergasser" (een type brander) wordt geadviseerd om ook de brandweer om advies te vragen. Dit duidt op een zorgvuldige administratieve afhandeling waarbij openbare veiligheid (brandgevaar) een rol speelt. Het taalgebruik is formeel en typerend voor de vooroorlogse bureaucreatie ("heb ik de eer U te berichten", "beleefd in overweging"). Het document dateert van januari 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Het Mosplein was (en is) een centraal punt in Amsterdam-Noord waar een belangrijke markt werd gehouden. Het branden en verkopen van warme pinda's was in die tijd een populaire bezigheid op markten. De verwijzing naar de "petroleum-vergasser" geeft inzicht in de techniek die destijds door straatverkopers werd gebruikt. Administratief gezien toont dit stuk de gelaagdheid van vergunningverlening in Amsterdam: een aanvraag werd getoetst aan de APV, maar vereiste vaak ook afstemming tussen verschillende disciplines (Levensmiddelen, Marktwezen en Brandweer). De term "kantbrief" verwijst naar een korte begeleidende nota of een aantekening in de kantlijn van een dossier waarmee stukken intern werden doorgeleid.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk advies gericht aan de Amsterdamse wethouder voor Levensmiddelen. Het betreft een aanvraag van een marktkoopman om pinda's te mogen branden op de markt aan het Mosplein in Amsterdam-Noord. De directeur van de betreffende dienst rapporteert dat er vanuit de Algemene Politieverordening (APV) geen wettelijke bezwaren zijn. Er wordt echter een belangrijk voorbehoud gemaakt: vanwege het gebruik van een "petroleum-vergasser" (een type brander) wordt geadviseerd om ook de brandweer om advies te vragen. Dit duidt op een zorgvuldige administratieve afhandeling waarbij openbare veiligheid (brandgevaar) een rol speelt. Het taalgebruik is formeel en typerend voor de vooroorlogse bureaucreatie ("heb ik de eer U te berichten", "beleefd in overweging").

Historische Context

Het document dateert van januari 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Het Mosplein was (en is) een centraal punt in Amsterdam-Noord waar een belangrijke markt werd gehouden. Het branden en verkopen van warme pinda's was in die tijd een populaire bezigheid op markten. De verwijzing naar de "petroleum-vergasser" geeft inzicht in de techniek die destijds door straatverkopers werd gebruikt. Administratief gezien toont dit stuk de gelaagdheid van vergunningverlening in Amsterdam: een aanvraag werd getoetst aan de APV, maar vereiste vaak ook afstemming tussen verschillende disciplines (Levensmiddelen, Marktwezen en Brandweer). De term "kantbrief" verwijst naar een korte begeleidende nota of een aantekening in de kantlijn van een dossier waarmee stukken intern werden doorgeleid.

Kooplieden in dit dossier 69

A.F. Boomstra Waterlooplein
A.F. Boomstra Uilenburg
A. v. d. Ven Waterlooplein
A. v. d. Ven Waterlooplein
A.W. Rees Waterlooplein
A.W. Rees Uilenburg
W. Hendrixx Uilenburg
C. Ravesteyn Waterlooplein
G.J. Emons *Dapperstr. Uilenburg, zoon amstelveen, 6-6-86.* Uilenburg
G.J. Emons Waterlooplein
G. Lisser *Dapperstr.* Uilenburg
G. Lisser Waterlooplein
G.M. Waterman Waterlooplein
G.M. Waterman Uilenburg
G.W. Kragten Waterlooplein
G.W. Kragten Uilenburg
H. Ballering Waterlooplein
H. Ballering Uilenburg
H.H. Jonkman { *geb. 6/5 95 Dapperstr. Leeuwenmond. waterloopl.* Uilenburg
H. Jonkman Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
H. van Elburg Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
J. Mullem Waterlooplein
J. Salomons Waterlooplein
J. Salomons *Uilenburg* Uilenburg
J. Stodel Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
J. Stouwer Waterlooplein
J. Stouwer Uilenburg
Alle 69 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1