Archiefdocument
Origineel
23 september 1940. Venters & Marktkoopliedenvereeniging "Ons Belang", Amsterdam. No. 20/29/3 M.1940 27/9.
No. 890 L.M.1940 24/9. AFSCHRIFT. --
VENTERS & MARKTKOOPLIEDENVEREENIGING "ONS BELANG".
Secretariaat en Administratie: Tollensstraat 104. hs Amsterdam.
No: 329 AMSTERDAM, 23 September 1940.
Ltr. G/A.
Aan Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.
---------------------------------------------
E.A. Heren.
Krachtens de Verordening op de heffing en die der invorde-
ring van markt-, standplaats- en ventgelden, wordt de heffing van
gelden voor de standplaatsen op openbare dag- en weekmarkten ge-
heven in de vorm ener belasting. Ook voor zover electr. kraam-
verlichting ter beschikking wordt gesteld, geschied de betaling
daarvoor in de zelfde vorm.
Hierin schuilt echter, in verband met de verduisteringsmaatrege-
len, een ernstige onbillykheid. Eén der verduisteringsvoor-
schriften luidt, dat vóór zonsondergang de markten moeten worden
ontruimd. Dit betekend, dat juist als het moment nadert waarop
van de electr. verlichting gebruik zou kunnen worden gemaakt,
moeten de markten ontruimd zyn. Het gevolg is dus, dat van de
genoemde verlichting geen gebruik gemaakt wordt, terwyl deze
toch regelmatig betaald moeten worden.
Aangezien nu in artikel 6 van de verordening op de invordering
van markt-, standplaats- en ventgelden is bepaald, dat Burge-
meester en Wethouders bevoegd zyn, in byzondere gevallen, op
gronden van billykheid, teruggave van reeds betaald markt-,
standplaats- en ventgeld toe te staan, achten wy het niet meer
dan redelyk dat voor zo-ver aan de heffing voor gebruik van
electr. licht is voldaan, zonder dat daaraan, als gevolg van de
verduisteringsvoorschriften, gebruik kon worden gemaakt, de be-
treffende gelden terugbetaald zullen worden.
Tevens verzoeken wy Uw College, in de verordening op de heffing
een zodanige tydelyke wyziging aan te brengen, dat gedurende den
tyd, dat bedoelde verduisteringsvoorschriften zullen gelden,
de heffing ~~xxx~~ van gelden voor standplaatsen op de algemene
dag- en weekmarkten zal worden verminderd met een bedrag gelyk
aan de kosten voor stroomlevering.
H O O G A C H T E N D
Venters- en marktkooplieden
Vereeniging "ONS BELANG"
w.g. L. Seegers Secr. In deze brief protesteert de vereniging "Ons Belang" tegen een onrechtvaardige financiële last voor marktkooplieden. Door de geldende verordening zijn kooplieden verplicht te betalen voor de elektrische verlichting van hun kramen. Echter, door de oorlogsomstandigheden mogen zij deze faciliteit niet gebruiken.
De kern van het probleem is dat de markten vóór zonsondergang ontruimd moeten zijn. Hierdoor betalen de kooplieden voor een dienst (stroom/licht) die zij nooit afnemen, aangezien het licht pas na zonsondergang nodig zou zijn. De vereniging verzoekt het stadsbestuur om:
1. Reeds betaalde gelden voor ongebruikte verlichting terug te storten op basis van de 'billijkheid' (redelijkheid).
2. De verordening tijdelijk aan te passen zodat de heffing verlaagd wordt met de stroomkosten zolang de beperkende maatregelen van kracht zijn.
De tekst bevat kenmerkende taalvormen uit de periode, zoals het veelvuldig gebruik van de 'y' waar we nu 'ij' schrijven (onbillykheid, byzondere, gelyk) en de inmiddels verouderde spelling betekend voor de tegenwoordige tijd. Dit document is opgesteld in september 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De genoemde "verduisteringsvoorschriften" waren ingesteld door de bezetter om te voorkomen dat geallieerde vliegtuigen bij nacht steden als Amsterdam als navigatiepunt of doelwit konden gebruiken.
Deze maatregelen hadden een enorme impact op het openbare leven en de economie. Voor de marktsector betekende dit een aanzienlijke verkorting van de werkdag, zeker in de naderende wintermaanden. De brief illustreert hoe belangenorganisaties zoals "Ons Belang" in de beginfase van de oorlog probeerden de economische gevolgen van de bezettingsmaatregelen voor hun leden te verzachten door formeel beroep te doen op het Nederlandse gemeentebestuur. A.