Officiële brief van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële brief van de Gemeente Amsterdam. 20 januari 1939. De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (namens deze ondertekend). Den heer Directeur van den Dienst van het Marktwezen. GEMEENTE AMSTERDAM
N° 20/5/ M. 1939 20/1 [stempel/handgeschreven]
AMSTERDAM, 20 Januari 1939.
AFD. L.M.
No. 89 - 1939 -
BIJLAGEN
MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD
NAUWKEURIG HET NUMMER EN DE AFDEELING
VAN DIT SCHRIJVEN TE VERMELDEN.
[Handgeschreven aantekening rechtsboven: v.d. W. Insp. / Insp.]
Bijgaande doe ik U toekomen een schrijven van den Wethouder voor de Arbeidszaken, d.d. 10 Januari betreffende marktkooplieden. Met verwondering nam ik van dit schrijven kennis. Gaarne zal ik hierover Uw uitvoerig advies ontvan-gen, zoowel wat betreft de afzonderlijke gevallen, als be-treffende de vraag hoe het mogelijk is, dat dergelijke geval-len zich voordoen ondanks de contrôle en het toezicht daarop.
vM
De Wethouder voor de Levensmiddelen,
Wasch- en schoonmaak-, bad- en zwem-
inrichtingen,
[Handtekening]
Aan den heer Directeur van den
Dienst van het Marktwezen.
Model G.A. 6
25000-7-'38
[Rechtsonder in potlood: 20] In deze korte, zakelijke brief vraagt de Wethouder voor de Levensmiddelen om opheldering over een kwestie betreffende marktkooplieden. De aanleiding is een schrijven van de Wethouder voor Arbeidszaken.
De toon van de brief is formeel-kritisch. Het gebruik van de zinsnede "Met verwondering nam ik van dit schrijven kennis" is ambtelijk jargon voor ongenoegen of verbazing over geconstateerde misstanden. De wethouder vraagt specifiek om een "uitvoerig advies" over twee zaken:
1. De specifieke incidenten/gevallen die in de bijlage worden genoemd.
2. De systeemvraag: hoe is het mogelijk dat dit kon gebeuren ondanks het bestaande toezicht en de controle?
Dit duidt op een mogelijk falen in de handhaving of corruptie binnen de marktsector waar de Directeur van het Marktwezen zich voor moet verantwoorden. Het document dateert van januari 1939, een periode waarin het Amsterdamse stadsbestuur (onder leiding van burgemeester Willem de Vlugt) te maken had met de economische naweeën van de crisis en een zeer strak gereguleerd distributie- en marktsysteem.
De "Wethouder voor de Levensmiddelen" in die periode was E. Boekman (SDAP). De "Wethouder voor Arbeidszaken" was S.R. de Miranda (eveneens SDAP). In de jaren '30 waren er regelmatig spanningen en onderzoeken naar de gang van zaken op de Amsterdamse markten, waarbij de integriteit van marktkooplieden en controleurs soms onder de loep werd genomen. De vraag in de brief naar het falende toezicht past in de bredere ambtelijke inspanningen om de orde en transparantie op de markten te waarborgen in een tijd van schaarste en economische druk. E. Boekman L.M. Gemeente Amsterdam Marktwezen