Archief 745
Inventaris 745-273
Pagina 131
Dossier 11
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven conceptnotitie of kladversie van een ambtelijke brief/nota.

Origineel

Handgeschreven conceptnotitie of kladversie van een ambtelijke brief/nota. In verband met het voorschrift van art
18 van het Reglement op de Markten, geen
~~wettige~~ reden om juffrouw Vogel van
de marktplaats te verwijderen.
Nu het bedrog is ontdekt, zou het
voor de hand liggen, om alsnog de
plaats van A. Vogel (die in het geheel
niet meer als ~~marktkoopman~~ optreedt)
in te trekken. Echter ~~moet ik er~~
~~niet minder~~ wijzen, dat dit voor
juffrouw Vogel, die op de bedoelde plaats
zelfstandig in haar onderhoud voorziet,
zeer nadelig zou zijn. ~~En zijnde het~~
~~daarna~~ ~~de marktautoriteit die~~
Ware ~~vier jaren geleden op de~~
~~in dit geval im~~ ~~besluit gedaan~~
dan zou zij juffrouw Vogel toen vergunning om
haar broer te vervangen hebben gevraagd.
Zij zou dan (zich waarschijnlijk) op de sollicitantenlijst
voor een vaste plaats hebben laten
inschrijven en thans binnen afzienbaren
tijd (wellicht) voor een dergelijke plaats in aanmerking
zijn gekomen. ~~Dat~~ Aangezien A. Vogel
echter geheel is opgehouden marktkoopman te
zijn is het, anderzijds, zeer de vraag of De tekst betreft een administratieve casus waarbij een zekere "juffrouw Vogel" een marktplaats bezet, mogelijk onder de naam of vergunning van haar broer (A. Vogel). Er is "bedrog" geconstateerd, wat volgens artikel 18 van het marktreglement aanleiding zou kunnen zijn om haar de plaats te ontzeggen.

De auteur van het stuk pleit echter voor clementie. De argumentatie is tweeledig:
1. Sociale noodzaak: Juffrouw Vogel voorziet zelfstandig in haar onderhoud via deze marktplaats; verwijdering zou haar zwaar treffen.
2. Redelijkheid/Counterfactual: De auteur stelt dat als de autoriteiten vier jaar eerder correct hadden gehandeld (of als de situatie toen direct transparant was geweest), zij waarschijnlijk via de reguliere weg (de sollicitantenlijst) inmiddels ook een vaste plek zou hebben verkregen.

De tekst breekt af bij een nieuwe overweging ("zeer de vraag of"), wat het karakter van een onvoltooid concept onderstreept. Dit document biedt een blik op de lokale rechtspraak en regelgeving rondom straathandel in Nederland. Het illustreert de spanning tussen strikte regelnaleving en de menselijke maat in de bureaucratie. In die tijd waren marktplaatsen strikt gereguleerd en vaak gebonden aan specifieke personen; overdracht binnen families gebeurde vaak, maar was niet altijd conform de letter van de wet. Het document benadrukt de positie van werkende vrouwen die via de markt probeerden economisch onafhankelijk te blijven.

Samenvatting

De tekst betreft een administratieve casus waarbij een zekere "juffrouw Vogel" een marktplaats bezet, mogelijk onder de naam of vergunning van haar broer (A. Vogel). Er is "bedrog" geconstateerd, wat volgens artikel 18 van het marktreglement aanleiding zou kunnen zijn om haar de plaats te ontzeggen.

De auteur van het stuk pleit echter voor clementie. De argumentatie is tweeledig:
1. Sociale noodzaak: Juffrouw Vogel voorziet zelfstandig in haar onderhoud via deze marktplaats; verwijdering zou haar zwaar treffen.
2. Redelijkheid/Counterfactual: De auteur stelt dat als de autoriteiten vier jaar eerder correct hadden gehandeld (of als de situatie toen direct transparant was geweest), zij waarschijnlijk via de reguliere weg (de sollicitantenlijst) inmiddels ook een vaste plek zou hebben verkregen.

De tekst breekt af bij een nieuwe overweging ("zeer de vraag of"), wat het karakter van een onvoltooid concept onderstreept.

Historische Context

Dit document biedt een blik op de lokale rechtspraak en regelgeving rondom straathandel in Nederland. Het illustreert de spanning tussen strikte regelnaleving en de menselijke maat in de bureaucratie. In die tijd waren marktplaatsen strikt gereguleerd en vaak gebonden aan specifieke personen; overdracht binnen families gebeurde vaak, maar was niet altijd conform de letter van de wet. Het document benadrukt de positie van werkende vrouwen die via de markt probeerden economisch onafhankelijk te blijven.

Kooplieden in dit dossier 69

A.F. Boomstra Waterlooplein
A.F. Boomstra Uilenburg
A. v. d. Ven Waterlooplein
A. v. d. Ven Waterlooplein
A.W. Rees Waterlooplein
A.W. Rees Uilenburg
W. Hendrixx Uilenburg
C. Ravesteyn Waterlooplein
G.J. Emons *Dapperstr. Uilenburg, zoon amstelveen, 6-6-86.* Uilenburg
G.J. Emons Waterlooplein
G. Lisser *Dapperstr.* Uilenburg
G. Lisser Waterlooplein
G.M. Waterman Waterlooplein
G.M. Waterman Uilenburg
G.W. Kragten Waterlooplein
G.W. Kragten Uilenburg
H. Ballering Waterlooplein
H. Ballering Uilenburg
H.H. Jonkman { *geb. 6/5 95 Dapperstr. Leeuwenmond. waterloopl.* Uilenburg
H. Jonkman Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
H. van Elburg Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
J. Mullem Waterlooplein
J. Salomons Waterlooplein
J. Salomons *Uilenburg* Uilenburg
J. Stodel Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
J. Stouwer Waterlooplein
J. Stouwer Uilenburg
Alle 69 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1