Getypt ambtelijk rapport/brief (doorslag).
Origineel
Getypt ambtelijk rapport/brief (doorslag). 28 februari 1939 (gebaseerd op de context van genoemde data in de tekst zoals december 1938). Waarschijnlijk de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam. 4 28 Februari 9
20/5/2 den Heer Wethouder voor de
Amsterdam. Levensmiddelen
Vogel had voorgedaan, ook thans nog niet voor een vaste
plaats op de Lindengracht in aanmerking komen.
IV. Geval H.Smilde:
Inderdaad maakt de echtgenoote van H.Smilde van
de plaats op de Nieuwmarkt gebruik. Dit is in overeenstem-
ming met artikel 18 van het Reglement op de Markten, bepa-
lende, dat echtgenooten samen of om beurten van de plaats,
die aan één hunner is toegewezen, mogen gebruik maken.
V. Geval Cohen:
De Zondagsmarkt Uilenburg ressorteert eerst sedert
5 Maart 1933 onder het Marktwezen; vóórdien werd hier een
niet-officieele markt gehouden, onder toezicht van den
marktbond "Mercurius". Bij de "overneming" der markt door mijn
dienst is de bestaande situatie zoo veel mogelijk gehandhaafd;
kooplieden, die op Uilenburg twee of drie plaatsen naast el-
die
kaar bezetten, werden in het bezit van ~~drie~~ plaatsen gelaten.
Zoo nam W.Cohen vanaf 1933 drie marktplaatsen in, zij het,
dat twee dier plaatsen voorheen (dus toen "Mercurius" nog
het toezicht op de markt had) door zijn zoons werden bezet.
Deze zoons kwamen echter nagenoeg nooit op de markt, zoodat
- hoewel twee der plaatsen op naam der zoons stonden - W.Co-
hen als rechthebbende op de drie plaatsen werd aangemerkt.
In verband met de gedragslijn, die bij het "overnemen" der
markt is gevolgd, was dit gerechtvaardigd.
Inmiddels heeft Cohen voornoemd met ingang van 4
December 1938 voor alle bedoelde plaatsen bedankt.
VI. Geval I.Polak:
Dit geval toont overeenkomst met het hierboven
sub III behandelde van Broekman. De minderjarige E.Polak
liet zich op 26 Januari 1938 inschrijven op de sollicitanten-
lijst Dapperstraat, voorgevende, dat hij was de meerderjarige
I.Polak, zijn neef, wiens geboortedatum hij opgaf. Toen dit
bedrog werd ontdekt heeft E.Polak op 4 October 1938 voor de
vaste plaats op de markt Dapperstraat, die hem inmiddels * Administratieve structuur: Het document is onderverdeeld in genummerde "Gevallen" (IV, V, VI), wat wijst op een overzichtsrapport waarbij individuele dossiers worden getoetst aan de geldende marktverordeningen.
* Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands met de toen gebruikelijke spelling (bijv. "echtgenoote", "vóórdien", "zoons").
* Kernpunten per geval:
* Smilde: Bevestiging van het recht van echtgenoten om elkaars standplaats te gebruiken conform het Marktreglement.
* Cohen: Een historisch overzicht van de Zondagsmarkt op Uilenburg. Hieruit blijkt dat men bij de overgang van privaat beheer ("Mercurius") naar gemeentelijk beheer (1933) de status quo respecteerde, ook al was er sprake van onregelmatigheden (zoons die nooit kwamen opdagen terwijl de vader de drie plekken bezette). Cohen heeft de plaatsen eind 1938 opgezegd ("bedankt").
* Polak: Een geval van identiteitsfraude waarbij een minderjarige zich onder de naam van een meerderjarige neef inschreef voor een standplaats op de Dapperstraat.
* Correcties: Er is een handgeschreven correctie in het geval Cohen, waarbij "drie" is doorgehaald en vervangen door "die", waarschijnlijk om de zin grammaticaal correcter te maken of om aan te geven dat het om de specifiek bezette plaatsen ging. Dit document biedt een waardevol inkijkje in de dagelijkse praktijk van het Amsterdamse marktwezen aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Het illustreert de verschuiving van informele, door bonden georganiseerde markten (zoals de Joodse markt op Uilenburg onder "Mercurius") naar een strakker gereguleerd gemeentelijk systeem. De genoemde locaties — de Nieuwmarkt, Uilenburg en de Dapperstraat — waren centrale plekken in de Amsterdamse handelsgeest. De datum (februari 1939) plaatst dit document in een tijd waarin de Joodse gemeenschap in Amsterdam, waartoe veel van de genoemde marktkooplieden behoorden, onder toenemende maatschappelijke druk stond, hoewel dit document strikt de bureaucratische en juridische aspecten van standplaatsrechten behandelt.