Memorandum / Zakelijke correspondentie
Origineel
Memorandum / Zakelijke correspondentie 8 juli 1941 F. Schmalgemeijer Jr. (Klein- en groothandel in chocolade en suikerwerken) Den Inspecteur van het Marktwezen [Stempel linksboven:] No. 25/071
[Stempel/schrifrboven:] M. 1941 11/7
[Gedrukt briefhoofd:]
MEMORANDUM
F. SCHMALGEMEIJER Jr.
KLEIN- EN GROOTHANDEL IN
CHOCOLADE EN SUIKERWERKEN
TEL. 52154 — GEM. GIRO S. 7621
[Rechterkolom boven:]
Aan den Inspecteur van het
Marktwezen. Jan v. Galenstraat.
[Plaats en datum:]
AMSTERDAM-W., 8 Juli 1941
PARAMARIBOSTRAAT 45
[Handgeschreven tekst:]
Inspecteur,
Hiermede doe ik een verzoek mij 3 maanden voorloopig uitstel
te verleenen om mijn marktplaats in de Alb. Cuypstraat te bezetten.
daar er geen goederen meer voor de markt voorhanden zijn.
Hopende dat U de toestand van heden zal billijken
teken in afwachting bij voorbaat
vriendelijk dank
Hoogachtend
[Handtekening: F. Schmalgemeijer]
[Annotatie rechtsboven in potlood:] m. Insp
[Annotatie rechtsonder:] 25 In deze korte zakelijke brief verzoekt de heer F. Schmalgemeijer Jr. de Inspecteur van het Marktwezen om een ontheffing of "uitstel" van drie maanden voor het bezetten van zijn staanplaats op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam.
De tekst is formeel en beleefd van toon. De schrijver hanteert de destijds gebruikelijke zakelijke terminologie ("Hiermede", "teken in afwachting"). Opvallend is de directe reden die hij opgeeft voor zijn verzoek: de volledige afwezigheid van goederen om te verkopen ("daar er geen goederen meer voor de markt voorhanden zijn"). Het document dateert van 8 juli 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De inhoud van de brief weerspiegelt de economische realiteit van die tijd: de schaarste en de invoering van de distributie.
Als handelaar in chocolade en suikerwerken werd Schmalgemeijer direct getroffen door het gebrek aan grondstoffen zoals suiker en cacao, die door de bezetter werden gevorderd of simpelweg niet meer werden ingevoerd. De Albert Cuypmarkt, destijds al een van de belangrijkste markten van Amsterdam, kampte in deze periode met grote tekorten, waardoor veel kooplieden hun handel niet konden voortzetten. Het verzoek om uitstel was een noodgreep om de vergunning voor de marktplaats niet te verliezen, in de hoop op betere tijden. De zinsnede "de toestand van heden" is een eufemistische verwijzing naar de moeilijke oorlogsomstandigheden. F. Schmalgemeijer Marktwezen