Ambtelijke notitie op een voorgedrukt formulier ("Bijblad").
Origineel
Ambtelijke notitie op een voorgedrukt formulier ("Bijblad"). [Kader linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/161/1 1941
DOORGEZONDEN: 30/12 -'41-
[Tekst bovenaan]
G. Vermeulen varkenshand.
geb. Ammerstraat nr. 56b.
Th. v. Maerkerken
[Midden links]
Spoed
[Rechtsboven]
28
advies
de Heer 8-1-41
[Hoofdtekst]
De plaats welke G. J. Vermeulen voorheen op de markt aan de alb. Cuypstraat heeft ingenomen is volgens ancienniteit aan een andere koopman toegewezen. [Ingevoegd:] 5/2 '42 ! Zijn verzoek om hem weder in het bezit van zijn oude plaats te stellen, moet dan ook worden afgewezen.
Wel komt Vermeulen een dezer dagen voor een vaste plaats in aanmerking en vervalt daarmede zijn financieel bezwaar tegen het innemen van een losse plaats.
Vermeulen van een en ander in kennis stellen.
11-2-'42
Zie rapport controleur-marktwezen. de Heer
[Voetnoot]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document betreft een ambtelijk besluit over de toewijzing van een marktplaats op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. De verzoeker, G.J. Vermeulen (varkenshandelaar), wenst zijn oude plek terug. De administratie wijst dit verzoek af op basis van 'anciënniteit' (dienstjaren/voorrangsregels); de plek is inmiddels aan een andere koopman gegund.
Er wordt echter een compromis geboden: Vermeulen komt spoedig in aanmerking voor een andere vaste plek. Hierdoor wordt zijn eerdere bezwaar — dat waarschijnlijk te maken had met de hogere kosten of onzekerheid van een dagelijks toegewezen 'losse plaats' vergeleken met een vaste standplaats — weggenomen. De notitie is getekend door een functionaris met de naam "de Heer", die verwijst naar een rapport van de controleur van het Marktwezen. Het document dateert uit de winter van 1941-1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Albert Cuypmarkt was in deze periode een brandpunt van administratieve verschuivingen. In 1941 werden Joodse marktkooplieden door de bezetter gedwongen hun standplaatsen op te geven, wat leidde tot een grote herverdeling van plekken onder niet-Joodse handelaren.
Hoewel dit specifieke document de politieke context niet expliciet noemt, weerspiegelt de strikte toepassing van ancienniteitsregels en de ambtelijke afhandeling hoe het gemeentelijk apparaat (Marktwezen) bleef functioneren tijdens de bezetting. Het toont de bureaucratische zorgvuldigheid waarmee standplaatsen — die essentieel waren voor het levensonderhoud van handelaren in een tijd van schaarste — werden beheerd. De verwijzing naar "financieel bezwaar" onderstreept de precaire economische positie van marktkooplieden in oorlogstijd. G. Vermeulen G.J. Vermeulen J. Vermeulen M. No Marktwezen