Formulier (Kennisgeving opzegging vaste plaats).
Origineel
Formulier (Kennisgeving opzegging vaste plaats). [Links boven]
MARKTWEZEN
AMSTERDAM
[Rechts boven]
No. 962
[Midden boven]
Kennisgeving opzegging vaste plaats
[Hoofdtekst]
Ondergeteekende B. Menist.
houder(ster) van een vaste plaats(en) No. 74
op de Markt Dapperstraat
wenscht met ingang van 10/2/41
van deze plaats(en) geen verder gebruik te maken.
AMSTERDAM, 8/2 1941
HANDTEEKENING :
[Handtekening: B Menist]
[Links onder]
M.W. 67 1000-1-’37
OPMERKINGEN:
No. 26/6/39 M. 1941 [Stempel/Handschrift]
[Rechts onder]
Afgevoerd C. W. No. ...........................
week 10 FEB. 1941 [Stempel]
tot ........................................................... Dit document is een officiële administratieve kennisgeving waarmee een markthouder, de heer of mevrouw B. Menist, vrijwillig of gedwongen de huur van een vaste staanplaats opzegt.
- Persoon: De ondertekenaar is B. Menist. Gezien de context van de periode en de locatie (Dapperstraat) is het zeer waarschijnlijk dat dit een Joodse marktkoopman betrof.
- Locatie: Plaats nummer 74 op de Dapperstraatmarkt in Amsterdam-Oost.
- Administratieve sporen:
- De code "M.W. 67 1000-1-’37" duidt op het type formulier van het Marktwezen, gedrukt in januari 1937.
- De aantekening "No. 26/6/39" bij opmerkingen verwijst vermoedelijk naar de datum waarop de vergunning oorspronkelijk was verleend of laatstelijk verlengd.
- De stempels "M. 1941" en de afvoering per week 10 van februari 1941 bevestigen de verwerking door de gemeente. De datum op dit document, 8 februari 1941, is van groot historisch belang. Het bevindt zich midden in de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
In februari 1941 namen de anti-Joodse maatregelen in Amsterdam drastisch toe. Kort na de datum op dit formulier, op 11 februari 1941, vonden er zware rellen plaats op het Waterlooplein, wat uiteindelijk zou leiden tot de eerste grote razzia's en de Februaristaking later die maand.
Voor Joodse markthandelaren werd het werken op de Amsterdamse markten steeds moeilijker en gevaarlijker. Veel Joodse ondernemers werden gedwongen hun nering op te geven door uitsluiting of administratieve maatregelen (zoals het verbod voor Joden om op niet-Joodse markten te staan). De opzegging van een plaats in de Dapperstraat – het hart van een buurt met een grote Joodse gemeenschap – is een stille getuige van de ontmanteling van het Joodse economische leven in Amsterdam in de winter van 1941. De kans is groot dat "B. Menist" (mogelijk Benedictus Menist) een van de vele slachtoffers was die op dit moment hun middelen van bestaan verloren. B. Menist W. No Marktwezen