Ambtelijke kantlijnnotitie of besluit op een verzoekschrift.
Origineel
Ambtelijke kantlijnnotitie of besluit op een verzoekschrift. 27 januari 1941 (bovenaan genoteerd als 27/1/41 en onderaan als Jan '41). 27/1/41 Bij inwilliging van het verzoek
van adressant P. de Graaf ver-
zoek ik uitdrukkelijk te bepalen dat
het uitgesloten is dat de plaats kan
worden overgedragen aan de Moeder.
Ik geef in overweging voor een jaar
tijd het verzoek in te willigen
[Handtekening] Jan '41 De tekst is een ambtelijk advies of een besluit met betrekking tot een verzoek van een persoon genaamd P. de Graaf. De essentie van het besluit is dat het verzoek wordt ingewilligd, maar onder twee strikte voorwaarden:
1. Beperking van overdracht: De betreffende 'plaats' (mogelijk een marktstandplaats, een pachtgrond of een specifieke staanplaats) mag onder geen beding worden overgedragen aan 'de Moeder'. De hoofdletter bij 'Moeder' suggereert een specifieke verwijzing naar een persoon in de gezinssituatie van de adressant.
2. Tijdelijkheid: Er wordt geadviseerd de inwilliging slechts voor de duur van één jaar te laten gelden.
Het handschrift is een vlot, zakelijk lopend schrift (cursief), typerend voor de vroege 20e-eeuwse administratie. Het document dateert van januari 1941, de periode van de Duitse bezetting in Nederland. In deze tijd werden veel administratieve processen aangescherpt. Het woord 'plaats' in deze context verwijst vaak naar een vergunninggebonden locatie, zoals een standplaats op een markt of een plek in een sociale/publieke voorziening.
De expliciete uitsluiting van de moeder als opvolger voor de 'plaats' duidt op een juridische of beleidsmatige restrictie, mogelijk om te voorkomen dat vergunningen onbedoeld binnen een familie bleven circuleren zonder tussenkomst van de autoriteiten, of om specifieke personen buiten het recht op de plaats te houden. P. de Graaf