Archief 745
Inventaris 745-273
Pagina 320
Dossier 39
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte doorslag of afschrift van een ambtelijke correspondentie/advies.

3 november 1939.

Origineel

Getypte doorslag of afschrift van een ambtelijke correspondentie/advies. 3 november 1939. No.20/21/4 M.1939 3/11 AFSCHRIFT.

No.108/29 L.M.1939

Een bewijs, dat de retributie betaald is, behoeft niet te worden verstrekt of vereischt. Noodig is een bewijs, dat de marktkoopman bij de administratie der keuringsrechten bekend is en dat bewijs wordt gevonden in het hem uitgereikte aanslagbiljet. Uiteraard kan de koopman niet de verplichting worden opgelegd, dit aanslagbiljet altijd bij zich te dragen. Daarin ligt m.i. de oplossing ook niet.

Verder merk ik op, dat het geen aanbeveling verdient de marktopzichters aan de kooplieden te laten vragen of zij in de keuringsrechten aangeslagen zijn, omdat het antwoord altijd bevestigend zal luiden, zoodra de kooplieden de bedoeling van de vraag begrijpen.

M.i. moet de eenige manier om alle losse kooplieden onder de heffing te laten vallen, worden gevonden in een registratie dier kooplieden door de marktopzichters. Heeft een marktopzichter eenmaal in een jaar een bepaalden koopman opgegeven - hetgeen hij uit een aanteekening zou kunnen zien - , dan is verdere opgave in dat jaar niet meer noodig. Mogelijk krijgt de afdeeling dan van verschillende marktopzichters dezelfde namen op, doch dat is m.i. niet bezwaarlijk.

                                    w.g. onleesbaar. In dit document adviseert een ambtenaar over de efficiëntie van de controle op marktheffingen. De kernpunten zijn:
  1. Geen draagplicht: De auteur stelt dat het onredelijk en onpraktisch is om marktkooplieden te verplichten hun aanslagbiljet (bewijs van belastingaanslag) constant bij zich te hebben.
  2. Scepticisme over zelfrapportage: Er wordt gewaarschuwd dat het simpelweg vragen aan kooplieden of ze betaald hebben niet werkt, omdat zij (begrijpelijkerwijs) altijd "ja" zullen antwoorden om onder betaling uit te komen.
  3. Voorstel voor registratie: De oplossing wordt gezocht in een actieve registratie door marktopzichters. Zodra een koopman één keer per jaar is genoteerd, is hij bekend bij de administratie. Dubbele meldingen door verschillende opzichters worden voor lief genomen ten gunste van een waterdicht systeem voor "losse" (niet-vaste) kooplieden. Het document dateert van november 1939. Nederland bevond zich op dat moment in de periode van de mobilisatie (vlak voor de Duitse inval in mei 1940). Ondanks de internationale spanningen ging de civiele administratie en lokale regelgeving, zoals de controle op marktgelden en keuringsrechten (waarschijnlijk voor levensmiddelen), gewoon door. De tekst weerspiegelt een tijd waarin bureaucratie en fysieke controle ter plaatse de enige manier waren om belastingontduiking op markten tegen te gaan, lang voor de digitalisering van dergelijke registers. De gebruikte spelling (zoals vereischt, noodig en zoodra) is kenmerkend voor het Nederlands van vóór de spellinghervorming van Marchant/De Vries en Te Winkel.

Samenvatting

In dit document adviseert een ambtenaar over de efficiëntie van de controle op marktheffingen. De kernpunten zijn:
1. Geen draagplicht: De auteur stelt dat het onredelijk en onpraktisch is om marktkooplieden te verplichten hun aanslagbiljet (bewijs van belastingaanslag) constant bij zich te hebben.
2. Scepticisme over zelfrapportage: Er wordt gewaarschuwd dat het simpelweg vragen aan kooplieden of ze betaald hebben niet werkt, omdat zij (begrijpelijkerwijs) altijd "ja" zullen antwoorden om onder betaling uit te komen.
3. Voorstel voor registratie: De oplossing wordt gezocht in een actieve registratie door marktopzichters. Zodra een koopman één keer per jaar is genoteerd, is hij bekend bij de administratie. Dubbele meldingen door verschillende opzichters worden voor lief genomen ten gunste van een waterdicht systeem voor "losse" (niet-vaste) kooplieden.

Historische Context

Het document dateert van november 1939. Nederland bevond zich op dat moment in de periode van de mobilisatie (vlak voor de Duitse inval in mei 1940). Ondanks de internationale spanningen ging de civiele administratie en lokale regelgeving, zoals de controle op marktgelden en keuringsrechten (waarschijnlijk voor levensmiddelen), gewoon door. De tekst weerspiegelt een tijd waarin bureaucratie en fysieke controle ter plaatse de enige manier waren om belastingontduiking op markten tegen te gaan, lang voor de digitalisering van dergelijke registers. De gebruikte spelling (zoals vereischt, noodig en zoodra) is kenmerkend voor het Nederlands van vóór de spellinghervorming van Marchant/De Vries en Te Winkel.

Kooplieden in dit dossier 69

A.F. Boomstra Waterlooplein
A.F. Boomstra Uilenburg
A. v. d. Ven Waterlooplein
A. v. d. Ven Waterlooplein
A.W. Rees Waterlooplein
A.W. Rees Uilenburg
W. Hendrixx Uilenburg
C. Ravesteyn Waterlooplein
G.J. Emons *Dapperstr. Uilenburg, zoon amstelveen, 6-6-86.* Uilenburg
G.J. Emons Waterlooplein
G. Lisser *Dapperstr.* Uilenburg
G. Lisser Waterlooplein
G.M. Waterman Waterlooplein
G.M. Waterman Uilenburg
G.W. Kragten Waterlooplein
G.W. Kragten Uilenburg
H. Ballering Waterlooplein
H. Ballering Uilenburg
H.H. Jonkman { *geb. 6/5 95 Dapperstr. Leeuwenmond. waterloopl.* Uilenburg
H. Jonkman Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
H. van Elburg Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
J. Mullem Waterlooplein
J. Salomons Waterlooplein
J. Salomons *Uilenburg* Uilenburg
J. Stodel Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
J. Stouwer Waterlooplein
J. Stouwer Uilenburg
Alle 69 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1