Doorslag van een getypt officieel schrijven (correspondentie).
Origineel
Doorslag van een getypt officieel schrijven (correspondentie). 18 juli 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam). Den Heer A. Bakker, Kloveniersburgwal 39 II, Amsterdam-Centrum. [Handgeschreven, potlood, rechtsboven:] In de laan
[Handgeschreven, blauw potlood, midden boven:] Verzonden 10/7 [of 18/7]
[Rechtsboven, getypt:] HG.
[Geadresseerde:]
den Heer A. Bakker,
Kloveniersburgwal 39 II,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 3.
[Kenmerk en datum:]
33/46/2 M. 18 Juli 1941.
[Inhoud:]
Naar aanleiding van Uw briefkaart d.d. 8 Juli jl. verleen ik U hierbij gedurende drie maanden na dato dezes uitstel van Uw verplichting om regelmatig Uw plaats op de markt Westerstraat in te nemen.
U dient er echter voor te zorgen, dat het ook tijdens Uw afwezigheid verschuldigde marktgeld geregeld wekelijks bij den dienstdoenden marktambtenaar wordt betaald.
[Ondertekening:]
De Directeur, * Onderwerp: Het verlenen van uitstel van de staanplaatsverplichting op een markt.
* Kernboodschap: De heer A. Bakker krijgt toestemming om gedurende drie maanden zijn vaste plek op de markt in de Westerstraat (Amsterdam) niet in te nemen.
* Voorwaarde: Ondanks zijn afwezigheid blijft de heer Bakker verplicht om wekelijks het 'marktgeld' (staangeld) te voldoen aan de betreffende ambtenaar.
* Administratieve context: De brief is een reactie op een verzoek (briefkaart) van de heer Bakker van 8 juli 1941. De handgeschreven notitie "Verzonden" duidt op de administratieve verwerking door de verzendende instantie. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In die tijd was de handel op markten streng gereguleerd. Marktkraamhouders hadden een exploitatieplicht; wie zijn plek zonder geldige reden onbezet liet, liep het risico zijn vergunning te verliezen.
De markt in de Westerstraat is een van de oudste en bekendste markten van de Amsterdamse Jordaan. De genoemde Kloveniersburgwal 39 bevindt zich in het oude centrum.
In de oorlogsjaren konden redenen voor uitstel uiteenlopen van ziekte en gebrek aan handelswaar tot gedwongen tewerkstelling. Hoewel de brief formeel van aard is, weerspiegelt het de bureaucratische controle op het dagelijks leven en de economische activiteit in bezet Amsterdam. Opmerkelijk is dat de financiële verplichting (het betalen van marktgeld) onverkort bleef doorlopen, wat duidt op de noodzaak voor de gemeente om inkomsten te behouden, ongeacht of er feitelijk handel werd gedreven.