Handgeschreven memo / intern ambtelijk schrijven.
Origineel
Handgeschreven memo / intern ambtelijk schrijven. Waarschijnlijk een ambtenaar namens het college van B&W (ondertekening lijkt "D. v. d. Haes"). Wel. Hr. Inspecteur.
In verband met verzoek Mercurius
tot nadere regeling van het verkrijgen
van vaste plaatsen voor sommige
buitenlanders (stukken bijgevoegd)
vraagt de Wethouder eerst nadere
statistische gegevens omtrent
buitenlanders op onze markten,
n.l. hoeveel buitenlanders,
op welke markten, met welke artikelen,
sedert wanneer, enz.
Voor welke rubrieken zou men
nieuwe regelen moeten stellen?
14/7 39. D. v. d. Haes
[Stempel:] Nº 20/23/3 M. 1939 15/7 Het document is een ambtelijk verzoek om informatie naar aanleiding van een rekest van de vereniging "Mercurius" (mogelijk een handels- of marktvereniging). De kern van de zaak is de toewijzing van vaste standplaatsen op markten aan "buitenlanders".
De verantwoordelijke wethouder wenst niet direct te beslissen, maar vraagt om een feitelijke onderbouwing (statistische gegevens). Hij wil weten:
1. De kwantiteit (aantal buitenlandse kooplieden).
2. De geografische spreiding (op welke markten zij staan).
3. De aard van de handel (welke artikelen zij verkopen).
4. De anciënniteit (sinds wanneer zij actief zijn).
Het document eindigt met een beleidsvraag over welke categorieën ("rubrieken") aan nieuwe regelgeving onderworpen zouden moeten worden. Dit schrijven dateert van juli 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode van economische spanningen en politieke onrust was er in Nederland veel aandacht voor de bescherming van de eigen middenstand tegen buitenlandse concurrentie. De term "buitenlanders" in deze context kon zowel slaan op vreemdelingen die zich recent in Nederland hadden gevestigd (waaronder mogelijk vluchtelingen) als op rondtrekkende handelaren. De vraag naar "nieuwe regelen" suggereert een intentie tot strengere controle of beperking van de markttoegang voor deze groep. De vereniging Mercurius trad hierbij waarschijnlijk op als belangenbehartiger voor de gevestigde (Nederlandse) handelaren.