Archief 745
Inventaris 745-353
Pagina 266
Dossier 39
Jaar 1941
Stadsarchief

Officiële kennisgeving/brief betreffende financiële verrekening.

5 maart 1941. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of een gerelateerde gemeentelijke dienst van Amsterdam).

Origineel

Officiële kennisgeving/brief betreffende financiële verrekening. 5 maart 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of een gerelateerde gemeentelijke dienst van Amsterdam). [Handgeschreven rechtsboven:]
h. Müller
h. Moenne

[Linksboven:]
M/HG.

[Midden boven, handgeschreven:]
Verzonden 5/3

[Links:]
37/4/27 M.

[Rechts:]
5 Maart 1941.

[Geadresseerde:]
den Heer A.J. Pijnakker,
Osdorperweg 543 a,
S l o t e n . (N.H.)

[Inhoud:]
Naar aanleiding van Uw verzoek om ontheffing van
het betalen van plaatsgeld voor het bezetten van een tuin-
dersplaats op de Centrale Markt en de door U ter zake dezer
ontheffing geteekende verklaring bericht ik U hiermede, dat
Burgemeester en Wethouders hebben goedgevonden, dat aan U op
grond van het feit, dat U onder de wapenen bent geweest en
U daardoor Uw plaats op de Centrale Markt niet heeft kunnen
bezetten ontheffing van plaatsgeld wordt verleend over 4
maanden van het jaar 1939 ten bedrage van f 30,-
en over 5 maanden van het jaar 1940 ten bedrage van " 37,50

Bovendien hebben Burgemeester en Wet-
houders bepaald, dat aan U restitutie van entrée-
geld kan worden verleend over 4 maanden van het
jaar 1939 ten bedrage van " 3,34
en over 5 maanden van het jaar 1940 ten bedrage van" 4,16
---------
Restitutie en ontheffing totaal f 75,-
=========

Uw schuld bedroeg op 1 Januari 1941 f 40,-, zoodat
U thans over 1939/40 te goed heeft f 35,-.

Uw tegoed zal met het plaatsgeld voor 1941 worden
verrekend.

De Directeur, * Onderwerp: De brief betreft de toekenning van een ontheffing (vrijstelling) van marktgeld en een restitutie van entreegeld.
* Aanleiding: De heer Pijnakker kon zijn vaste plek op de Centrale Markt in Amsterdam niet bezetten omdat hij "onder de wapenen" was (gemobiliseerd).
* Berekening:
* Ontheffing plaatsgeld 1939 (4 mnd): ƒ 30,00
* Ontheffing plaatsgeld 1940 (5 mnd): ƒ 37,50
* Restitutie entreegeld 1939 (4 mnd): ƒ 3,34
* Restitutie entreegeld 1940 (5 mnd): ƒ 4,16
* Totaalbedrag: ƒ 75,00
* Eindresultaat: Na aftrek van een openstaande schuld van ƒ 40,00 op 1 januari 1941, houdt de betrokkene een tegoed over van ƒ 35,00. Dit bedrag wordt verrekend met de verschuldigde bedragen voor het lopende jaar 1941. Dit document biedt een inkijkje in de administratieve afhandeling van de Nederlandse mobilisatie (1939-1940) tijdens de vroege periode van de Duitse bezetting. Hoewel Nederland in maart 1941 al bijna een jaar bezet was, werden lopende zaken betreffende de vooroorlogse mobilisatieperiode nog steeds door de gemeentelijke bureaucratie afgehandeld.

De heer Pijnakker was een tuinder uit Sloten, destijds een belangrijk tuinbouwgebied aan de rand van Amsterdam (nu onderdeel van stadsdeel Nieuw-West). De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was de plek waar deze tuinders hun producten verhandelden. Het feit dat hij gecompenseerd werd voor de tijd dat hij in militaire dienst was, toont aan dat de gemeente Amsterdam billijkheidsregelingen trof voor burgers die door hun dienstplicht hun inkomen of bedrijfsactiviteiten zagen stagneren. De handgeschreven aantekening "Verzonden 5/3" duidt op de interne logistiek van het archief of de verzendafdeling.

Samenvatting

  • Onderwerp: De brief betreft de toekenning van een ontheffing (vrijstelling) van marktgeld en een restitutie van entreegeld.
  • Aanleiding: De heer Pijnakker kon zijn vaste plek op de Centrale Markt in Amsterdam niet bezetten omdat hij "onder de wapenen" was (gemobiliseerd).
  • Berekening:
    • Ontheffing plaatsgeld 1939 (4 mnd): ƒ 30,00
    • Ontheffing plaatsgeld 1940 (5 mnd): ƒ 37,50
    • Restitutie entreegeld 1939 (4 mnd): ƒ 3,34
    • Restitutie entreegeld 1940 (5 mnd): ƒ 4,16
    • Totaalbedrag: ƒ 75,00
  • Eindresultaat: Na aftrek van een openstaande schuld van ƒ 40,00 op 1 januari 1941, houdt de betrokkene een tegoed over van ƒ 35,00. Dit bedrag wordt verrekend met de verschuldigde bedragen voor het lopende jaar 1941.

Historische Context

Dit document biedt een inkijkje in de administratieve afhandeling van de Nederlandse mobilisatie (1939-1940) tijdens de vroege periode van de Duitse bezetting. Hoewel Nederland in maart 1941 al bijna een jaar bezet was, werden lopende zaken betreffende de vooroorlogse mobilisatieperiode nog steeds door de gemeentelijke bureaucratie afgehandeld.

De heer Pijnakker was een tuinder uit Sloten, destijds een belangrijk tuinbouwgebied aan de rand van Amsterdam (nu onderdeel van stadsdeel Nieuw-West). De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was de plek waar deze tuinders hun producten verhandelden. Het feit dat hij gecompenseerd werd voor de tijd dat hij in militaire dienst was, toont aan dat de gemeente Amsterdam billijkheidsregelingen trof voor burgers die door hun dienstplicht hun inkomen of bedrijfsactiviteiten zagen stagneren. De handgeschreven aantekening "Verzonden 5/3" duidt op de interne logistiek van het archief of de verzendafdeling.

Kooplieden in dit dossier 5

P.J. de Meer ja 20/7 '40 f 59.-
J.A. Burgers ja per 26/11 40 f 57=
J. Brockhoff ja geen schuld
N.A. Steenvoorden ja f 90.-

Gerelateerde Documenten 6