Archief 745
Inventaris 745-354
Pagina 7
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Doorslag van een getypt ambtelijk schrijven of rapport (bladzijde 3).

20 november 1941. Van: De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst, zoals de Marktwezen of Voedselvoorziening). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen (Amsterdam).

Origineel

Doorslag van een getypt ambtelijk schrijven of rapport (bladzijde 3). 20 november 1941. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst, zoals de Marktwezen of Voedselvoorziening). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen (Amsterdam). Bladz.
XXXXX 3 20 November x41
37/15/22 den Heer Wethouder voor de
Amsterdam. Levensmiddelen,

betreden en de veilingen te bezoeken.

  Deze Genehmigung is aan 7 firma's door middel van

den Joodschen Raad uitgereikt, te weten, S.Wijnschenk, B.Po-
lak, Hakker, H.Piller, S.Italiander, L.Presser en J.Bosboom
(aardappelen). Deze handelaren hebben deze vergunning niet
aangevraagd en er is, ook bij den Joodschen Raad, omtrent den
oorsprong niets bekend!

                             De Directeur, *   **Onderwerp:** Het document betreft de uitgifte van een "Genehmigung" (Duitse term voor vergunning/toestemming) aan zeven Joodse handelaren om veilingen te mogen bezoeken.
  • Kernpunten:
    • De vergunningen zijn via de Joodsche Raad gedistribueerd.
    • Opvallend is de constatering dat de handelaren zelf deze vergunning niet hebben aangevraagd.
    • De herkomst van de vergunning is onduidelijk; zelfs de Joodsche Raad weet niet waar ze vandaan komen. Dit wordt door de schrijver benadrukt met een uitroepteken.
  • Genoemde personen/firma's: S. Wijnschenk, B. Polak, Hakker, H. Piller, S. Italiander, L. Presser en J. Bosboom (aardappelhandel).
  • Taalgebruik: Formeel Nederlands met gebruik van de Duitse term "Genehmigung", wat typerend is voor de bestuurlijke taal tijdens de bezettingsjaren. Dit document stamt uit november 1941, een periode waarin de Duitse bezetter de grip op het economisch leven van Joodse burgers in Nederland steeds verder verstrakte. In 1941 werden tal van anti-Joodse maatregelen ingevoerd om Joden te isoleren uit het openbare en economische leven.

De vermelding van de Joodsche Raad voor Amsterdam is cruciaal. Deze werd in februari 1941 op last van de bezetter opgericht om opdrachten aan de Joodse gemeenschap door te geven. Dat vergunningen voor het bezoeken van veilingen (essentieel voor groothandelaren in levensmiddelen zoals aardappelen) "spontaan" werden verstrekt zonder aanvraag, duidt op een bureaucratisch proces waarbij de bezetter de controle over de voedseldistributie en de Joodse rol daarin wilde reguleren of registreren. De onduidelijkheid over de "oorsprong" suggereert een besluit dat waarschijnlijk direct van een Duitse instantie (zoals de Wirtschaftsprüfstelle of de Beauftragte) kwam, buiten de reguliere Nederlandse ambtelijke kanalen om.

Samenvatting

  • Onderwerp: Het document betreft de uitgifte van een "Genehmigung" (Duitse term voor vergunning/toestemming) aan zeven Joodse handelaren om veilingen te mogen bezoeken.
  • Kernpunten:
    • De vergunningen zijn via de Joodsche Raad gedistribueerd.
    • Opvallend is de constatering dat de handelaren zelf deze vergunning niet hebben aangevraagd.
    • De herkomst van de vergunning is onduidelijk; zelfs de Joodsche Raad weet niet waar ze vandaan komen. Dit wordt door de schrijver benadrukt met een uitroepteken.
  • Genoemde personen/firma's: S. Wijnschenk, B. Polak, Hakker, H. Piller, S. Italiander, L. Presser en J. Bosboom (aardappelhandel).
  • Taalgebruik: Formeel Nederlands met gebruik van de Duitse term "Genehmigung", wat typerend is voor de bestuurlijke taal tijdens de bezettingsjaren.

Historische Context

Dit document stamt uit november 1941, een periode waarin de Duitse bezetter de grip op het economisch leven van Joodse burgers in Nederland steeds verder verstrakte. In 1941 werden tal van anti-Joodse maatregelen ingevoerd om Joden te isoleren uit het openbare en economische leven.

De vermelding van de Joodsche Raad voor Amsterdam is cruciaal. Deze werd in februari 1941 op last van de bezetter opgericht om opdrachten aan de Joodse gemeenschap door te geven. Dat vergunningen voor het bezoeken van veilingen (essentieel voor groothandelaren in levensmiddelen zoals aardappelen) "spontaan" werden verstrekt zonder aanvraag, duidt op een bureaucratisch proces waarbij de bezetter de controle over de voedseldistributie en de Joodse rol daarin wilde reguleren of registreren. De onduidelijkheid over de "oorsprong" suggereert een besluit dat waarschijnlijk direct van een Duitse instantie (zoals de Wirtschaftsprüfstelle of de Beauftragte) kwam, buiten de reguliere Nederlandse ambtelijke kanalen om.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Cosman Waterlooplein "
A. Cosman Waterlooplein "
A. Poortje Uilenburg
A. Poortje Uilenburg
A. Poortje Uilenburg
A.v. Velzen Uilenburg "
A.v. Velzen Uilenburg "
B.A.Bouw
Barend Barend Uilenburg
Barend Barend Uilenburg
B. Barend Uilenburg
B. Kroese Uilenburg
B. Kroese Uilenburg
B. Kroese Uilenburg
B. Meents Uilenburg
B. Meents Uilenburg
B. Moffie Waterlooplein "
B. Moffie Waterlooplein "
B. Nebig Uilenburg
B. Nebig Uilenburg
B. Nebig Uilenburg
P. Langendijkstr Uilenburg 7
B. van Thijn Waterlooplein "
B. van Thijn Waterlooplein "
B. van Thijn Waterlooplein "
B. Wittenburg Uilenburg
C.Pas
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6