Brief / Ambtelijke correspondentie.
Origineel
Brief / Ambtelijke correspondentie. 13 november 1939. J. Renz (vermoedelijk een marktmeester of toezichthouder). Waterlooplein 13 Nov: 1939
Den Heer
Inspecteur
Door Dhr: J. de Groot wordt toestemming
verzocht tot het bakken van visch op het
Waterlooplein (fruitpleintje). Volgens
schrijven, zou J. de Groot een plaats hebben
op het Waterlooplein dat is onjuist, wel heeft
zijn vrouw J. de Groot-Beem een voorkeurskaart
no 202. J. de Groot is voor zoover mij bekend
niet ingeschreven als sollicitant. Aangezien
Mevr: de Groot-Beem elken dag een plaats
inneemt, zou ik U in overweging willen geven
onder de daarvoor geldende bepalingen de
bakvergunning van J. de Groot in dien zin
te wijzigen dat zij ook visch mag bakken.
J. Renz
Schelvisch-Kanes heeft op dezelfde
plaats een bakvergunning gehad.
Schelvisch-Kanes heeft deze plaats
opgegeven. Het document betreft een administratieve correctie en advies omtrent een vergunningsaanvraag voor het bakken van vis op de Amsterdamse Waterloopleinmarkt. De heer J. de Groot heeft een aanvraag ingediend, waarbij hij suggereerde al een standplaats te hebben. De schrijver (J. Renz) corrigeert dit: niet de heer De Groot, maar zijn echtgenote, mevrouw J. de Groot-Beem, beschikt over de benodigde papieren (voorkeurskaart nr. 202) en neemt dagelijks een plek in op het zogenaamde "fruitpleintje".
Renz stelt voor om de aanvraag pragmatisch af te handelen door de bestaande vergunning van mevrouw De Groot-Beem uit te breiden, zodat zij (of het echtpaar gezamenlijk) daar vis mag bakken. Als rechtvaardiging voor de vrijgekomen ruimte of mogelijkheid wordt onderaan vermeld dat een zekere "Schelvisch-Kanes" de betreffende plek en bakvergunning heeft opgegeven. Dit document stamt uit november 1939, een periode waarin het Waterlooplein het kloppende hart was van de Amsterdamse joodse buurt en de bijbehorende markt. De termen "voorkeurskaart" en "sollicitant" verwijzen naar het destijds strikte regime van de marktverordeningen in Amsterdam.
Het "fruitpleintje" was een specifiek gedeelte van de markt. Interessant is de spelling "visch" en "schelvisch", conform de toen geldende spelling-De Vries en Te Winkel (vóór de versimpeling van 1947). De brief geeft een inkijkje in de kleinschalige economie van de markt, waarbij vergunningen en standplaatsen cruciaal waren voor het levensonderhoud van gezinnen kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Nederland.