Administratieve bijlage bij een brief.
Origineel
Administratieve bijlage bij een brief. 21 november 1939. Directeur van het Marktwezen. Administrateur der afdeeling Levensmiddelen. Behoort bij brief no. 20/45/1 M. d.d. 21 November 1939 aan den Heer Administrateur der afdeeling Levensmiddelen van den Directeur van het Marktwezen.
GEMIDDELDE DAGBEZETTING PER MARKT :
==================================
Dagmarkten:
Nieuwmarkt 90
Waterlooplein 180
Dapperstraat 90
Albert Cuypstraat 200
Ten Katestraat 130
Lindengracht 190
Zwanenburgwal 35
Weekmarkten:
Westerstraat 350
Sumatrastraat 70
Jan Evertsenstraat 80
Noordermarkt 240
Amstelveld 210
Mosplein 140
Uilenburg 560 Het document is een kwantitatief overzicht van de bezettingsgraad (waarschijnlijk uitgedrukt in het aantal kramen of standplaatsen) van de diverse Amsterdamse markten vlak voor de Duitse inval in Nederland. Er wordt een strikt onderscheid gemaakt tussen dagmarkten en weekmarkten.
Opvallende gegevens:
* De markt op Uilenburg is met 560 de grootste in dit overzicht, gevolgd door de Westerstraat (350).
* De Albert Cuypstraat is de drukst bezette dagmarkt met 200 eenheden.
* De kleinste vermelde markt is die aan de Zwanenburgwal (35).
De taal is formeel ambtelijk Nederlands van voor de spellingshervorming van Marchant (bijv. "afdeeling", "den Heer"). Het document weerspiegelt de nauwe administratieve controle op de voedselvoorziening en distributiekanalen in een tijd van toenemende internationale spanningen. Dit document stamt uit november 1939, de periode van de 'Schemeroorlog' (Phoney War). Hoewel Nederland nog neutraal was, was de mobilisatie al in augustus 1939 uitgeroepen en bereidde de overheid zich voor op mogelijke tekorten en rantsoenering. De 'Afdeeling Levensmiddelen' speelde hierin een centrale rol.
De markten waren essentieel voor de voedselvoorziening van de Amsterdamse bevolking. De genoemde locaties zijn nog steeds iconische plekken in de stad. Bijzonder is de vermelding van de markt in Uilenburg, destijds een dichtbevolkte buurt in de Joodse wijk, die door de latere gebeurtenissen in de Tweede Wereldoorlog en de sanering van de buurt vrijwel geheel van karakter zou veranderen. Het hoge getal voor Uilenburg (560) duidt op de enorme economische en sociale activiteit in dat deel van de stad op dat moment.