Ambtelijke brief/dienstbrief.
Origineel
Ambtelijke brief/dienstbrief. 9 mei 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een gerelateerde Amsterdamse gemeentelijke dienst). Den Heer Directeur der Publieke Werken, Raadhuis, Alhier (Amsterdam). Extra
21/20/1 M
G.
9 Mei 1939
den Heer Directeur der
Publieke Werken,
Raadhuis,
A l h i e r.
Hiermede heb ik de eer U beleefd te verzoeken de
Distelhaven, waar een brandstoffenmarkt is gevestigd, te
doen uitbaggeren.
De Directeur, * **Inhoud:** Het document is een formeel verzoek van de ene gemeentelijke directeur aan de andere (Publieke Werken) om onderhoudswerkzaamheden te verrichten aan de Distelhaven.
- Kernboodschap: De haven moet worden uitgebaggerd om de bereikbaarheid en functionaliteit van de daar gevestigde brandstoffenmarkt te waarborgen.
- Toon: De gehanteerde taal is uiterst hoffelijk en formeel ("heb ik de eer U beleefd te verzoeken"), passend bij de ambtelijke etiquette van de late jaren '30.
- Locatie: De term "Alhier" in combinatie met "Raadhuis" en de vermelding van de Distelhaven duidt op de gemeente Amsterdam. De Distelhaven ligt in Amsterdam-Noord. * Historische context: De brief dateert van mei 1939, enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In een tijd van toenemende internationale spanning was het op diepte houden van havens cruciaal voor de aanvoer van essentiële goederen zoals brandstoffen (kolen, olie).
- Economische context: De Distelhaven in Amsterdam-Noord was destijds een belangrijk overslagpunt voor de brandstoffenmarkt. Voor de bevoorrading van de stad was het essentieel dat diepgaande schepen de markt konden bereiken.
- Administratieve context: Dit is een voorbeeld van interne communicatie tussen verschillende afdelingen van de gemeente Amsterdam. De Dienst der Publieke Werken was (en is) verantwoordelijk voor het onderhoud van de waterwegen en de infrastructuur in de stad. Gemeente Amsterdam Marktwezen Publieke Werken