Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie.
Origineel
Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie. 7 december 1939. De Directeur (vermoedelijk van een specifieke gemeentelijke dienst, mogelijk Haven- of Marktwezen). Den Heer Directeur der Publieke Werken, Raadhuis, Alhier (Amsterdam). [Rechtsboven, handgeschreven:]
2 ex. M. de Boer.
[Midden boven, getypt:]
DV.
[Midden boven, handgeschreven:]
extra
[Links, getypt:]
21/34/1 M.
[Rechts, getypt:]
7 December 1939.
[Adressering, rechts, getypt:]
den Heer Directeur der
Publieke Werken,
Raadhuis,
A l h i e r .
[Inhoud, getypt:]
Hiermede heb ik de eer U beleefd te verzoeken op
de brandstoffenmarkt aan de Nieuwe Heerengracht, hoek Jonas
Daniël Meyerplein, bij de ligplaats van kolenhandelaar Wegloop,
de meerpennen te laten vernieuwen.
[Ondertekening, rechts, getypt:]
De Directeur, * Doel: Een formeel verzoek voor infrastructureel onderhoud. Het gaat om het vervangen van versleten of defecte "meerpennen" (pennen in de wal waaraan schepen zich vastleggen).
* Locatie: De locatie is zeer specifiek gedefinieerd: de brandstoffenmarkt aan de Nieuwe Heerengracht, op de hoek met het Jonas Daniël Meyerplein in Amsterdam. Dit was destijds een belangrijke plek voor de aanvoer van kolen per schip.
* Betrokkenen: Naast de directeuren wordt "kolenhandelaar Wegloop" genoemd. Dit geeft een concreet beeld van de economische bedrijvigheid ter plaatse. De handgeschreven notitie "M. de Boer" verwijst waarschijnlijk naar een medewerker die een kopie van het document ontving of de zaak in behandeling nam.
* Toon: De brief hanteert de destijds gebruikelijke, uiterst beleefde ambtelijke stijl ("heb ik de eer U beleefd te verzoeken"). * Historische periode: De brief dateert van december 1939. Nederland was op dat moment gemobiliseerd vanwege de oorlogsdreiging (Tweede Wereldoorlog), maar nog neutraal. Het dagelijks bestuur en onderhoud van de stad Amsterdam ging door zoals gebruikelijk.
* Sociale geografie: Het Jonas Daniël Meyerplein lag in het hart van de Joodse buurt van Amsterdam. De brandstoffenmarkt was essentieel voor de energievoorziening (verwarming en koken) van de stad in de winter.
* Infrastructuur: De Publieke Werken van Amsterdam waren verantwoordelijk voor de kades en aanlegvoorzieningen. Het feit dat kolenhandelaars specifieke "ligplaatsen" hadden, duidt op een gereguleerd systeem van markt- en ligplaatsen langs de grachten.