Administratief bijblad / ambtelijke notitie.
Origineel
Administratief bijblad / ambtelijke notitie. [Kader linksboven]
BIJBLAD VAN: J. Salomons
M. No. 22 11/1 1939
DOORGEZONDEN: 7/1
plaats v/d Bloemenmarkt
[Hoofdtekst]
Kan als afgedaan worden beschouwd.
Salomons maakt bezwaar dat door
Zandvliet op de z.g.n. tusschendagen
met palmen enz wordt uitgestald.
Zaak met Zandvliet besproken, deze
zal zorg dragen, dat klachten voortaan
achterwege zullen blijven.
[Annotaties rechterkantlijn]
Oproepen
13-1-39
[Handtekening, mogelijk De Waal]
p 18/1
palmen en aralias
niet uitstallen
[Annotaties onderaan]
2-2-39
[Handtekening]
Gpk
6-2-39 [Paraaf]
[Grote krul/handtekening] * Onderwerp: Een klacht van de heer J. Salomons over de wijze van uitstallen van koopwaar door een andere handelaar (Zandvliet) op de Amsterdamse Bloemenmarkt.
* Terminologie:
* Tusschendagen: Dagen tussen de reguliere marktdagen in, waarop beperkte regels voor uitstalling golden.
* Aralias: Een type sierplant (Fatsia japonica) dat destijds veel op markten werd verkocht.
* Uitgestald: De tekst gebruikt een vorm die lijkt op "uitgesteld", maar de context en de kanttekening ("niet uitstallen") bevestigen dat "uitgestald" (neergezet voor de verkoop) bedoeld wordt.
* Status: Het document is een afsluiting van een dossier. De zaak is besproken met de overtreder, die beterschap heeft beloofd, waarna de ambtenaar adviseert de zaak als "afgedaan" te beschouwen.
* Handschrift: Het betreft een zakelijk, cursief bureauhandstchrift uit het interbellum, gekenmerkt door scherpe hoeken en snelle lussen (zoals bij de 'v' en 'l' in de naam Zandvliet). Dit document biedt een inkijkje in het dagelijks beheer van de Amsterdamse Bloemenmarkt (Singel) vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In die tijd was de markt streng gereguleerd om de doorgang en het aanzien van de gracht te waarborgen. Handelaars mochten vaak op "tussendagen" hun waar niet of slechts zeer beperkt op straat zetten.
De naam "Salomons" is een veelvoorkomende Joodse achternaam in de Amsterdamse handelswereld van die tijd. Gezien de datum (begin 1939) bevindt dit document zich in een periode waarin de Joodse gemeenschap in Amsterdam nog volop deelnam aan het economische leven, maar de politieke spanningen en dreiging uit Duitsland al zeer voelbaar waren. Administratief gezien is het een routineuze afhandeling van een burenruzie of ordemaatregel op de markt.