Handgeschreven brief (verzoekschrift/correspondentie).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift/correspondentie). 8 maart (afgeleid uit de stempel "8/3"). Jaartal onbekend, waarschijnlijk begin 20e eeuw. G. Stienen Jr., Oosteinderweg 233, Aalsmeer. Mijn heer
Aangezien alles bij me bevroren
is, hoop ik van U medewerking
te krijgen, dat ik Maart niet,
maar wel de maand April, mark-
geld kan betalen.
Den Heer Bakker weet ook wel
dat ik met een lege schuit vaart.
Maar April zijn er wel weer
violen, dus zal het dan beter
gaan. Aan Bakker heb ik ver-
steld, dat ik van April tot
September kan betalen.
Hopende op U medewerkingen
bij voorbaat dank verblijf ik
G. Stienen Jr.
Oosteinderweg 233
Aalsmeer. De schrijver van de brief, G. Stienen Jr., is een bloemenkweker uit Aalsmeer. Hij richt zich tot een niet nader genoemde instantie (waarschijnlijk het marktbestuur of de gemeente) met een verzoek om uitstel van betaling voor het "markgeld" van de maand maart.
De reden voor dit verzoek is de weersomstandigheden: door vorst zijn zijn gewassen bevroren ("alles bij me bevroren is"), waardoor hij geen handel heeft en momenteel met een "lege schuit" vaart. Hij geeft aan dat de situatie in april zal verbeteren omdat er dan weer violen beschikbaar zijn voor de verkoop. Hij stelt voor om de achterstallige en lopende kosten in de periode van april tot september te voldoen. Hij refereert naar een zekere "Heer Bakker" (mogelijk een marktmeester of controleur) die op de hoogte is van zijn benarde situatie.
Opvallend is de taalfout "versteld" waar "verteld" wordt bedoeld, en het gebruik van "medewerkingen" in de slotgroet. Dit document biedt een inkijkje in de economische kwetsbaarheid van de Aalsmeerse bloemenkwekers aan het begin van de 20e eeuw. De sierteelt was (en is) sterk afhankelijk van de weersomstandigheden; een late vorstperiode kon direct leiden tot financiële problemen.
De vermelding van de "schuit" herinnert aan de tijd dat het transport van bloemen en planten in Aalsmeer hoofdzakelijk over water plaatsvond naar de veilingen. De Oosteinderweg is van oudsher een belangrijke lintbebouwing in Aalsmeer waar veel kwekerijen gevestigd waren. Het "markgeld" wijst op de verschuldigde vergoeding voor het mogen verhandelen van producten op de (bloemen)markt. De genoemde "violen" waren destijds een belangrijk seizoensproduct voor de vroege lente. G. Stienen