Archiefdocument
Origineel
6 oktober 1941 VD/HG.
68/3/4 N.
3
6 October 1941.
Uitbreiding spoorwegraccordement Centrale Markt.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
Alhier .
Hiermede heb ik de eer U het volgende te berichten.
De oorlogsomstandigheden maken het noodzakelijk, dat het spoorwegraccordement op de Centrale Markt wordt uitgebreid. Doordat het autotransport voor den aanvoer van producten naar de Centrale Markt door gebrek aan benzine ten zeerste wordt geremd en ook het vervoer per schip in verband met het gebrek aan motorbrandstof steeds moeilijker wordt, is de aanvoer per wagon in zeer sterke mate toegenomen. Terwijl in 1939 rond 640 geladen wagons op de Centrale Markt aankwamen (respectievelijk vertrokken) bedroeg het aantal in 1940 rond 1500, terwijl het sindsdien nog belangrijk is toegenomen. Vooral de aanvoer van aardappelen geschiedt, doordat zeer veel aardappelen uit Drente worden geleverd, in veel sterker mate dan vroeger, per wagon. Het behoort niet tot de zeldzaamheden, dat groote convooien uit Drente in Amsterdam aankomen. Deze kunnen dan niet in hun geheel naar de Centrale Markt worden gedirigeerd, omdat daarvoor op de markt geen plaats is. In dat geval moet er regelmatig worden gerangeerd, waarmede zeer veel tijd gemoeid gaat. Hierdoor ontstaan er moeilijkheden bij de afgifte der aardappelen aan den kleinhandel. Hieromtrent zijn reeds besprekingen gevoerd met het Bureau Voedselvoorziening in Oorlogstijd. In bijlage dezes leg ik U een afschrift van een brief van dit Bureau d.d. 15 September jl., waarin dit onderwerp wordt behandeld, over. (bijlage 1). Ook fruit en groente wordt echter steeds meer per wagon aangevoerd, speciaal uit de Zuidelijke provincies, terwijl is te verwachten, dat in den aanstaanden winter zeer veel stapelproducten per wagon zullen aankomen.
Ook in verband met den export is het dringend noodzakelijk, dat het raccordement op de Centrale Markt wordt uitgebreid. Doordat het karakter van de op de Centrale Markt gevestigde veiling geheel is gewijzigd (thans groothandelsveiling, waar door ± 400 tuinders producten worden aangevoerd) is deze veiling dit seizoen voor de eerste maal gaan deelnemen aan de export. Op sommige dagen zijn zelfs 20 wagons voor export verladen. * Kernboodschap: De brief is een dringend verzoek of een mededeling over de noodzaak om het spoorwegraccordement (de eigen spooraansluiting) van de Centrale Markt in Amsterdam uit te breiden.
* Logistieke verschuiving: Door de Tweede Wereldoorlog is er een schaarste aan brandstof (benzine en motorbrandstof), waardoor transport over de weg en het water grotendeels is stilgevallen. Hierdoor is men voor de voedselvoorziening van de stad bijna volledig afhankelijk geworden van het spoor.
* Kwantitatieve groei: De cijfers onderbouwen de urgentie: een stijging van circa 640 wagons in 1939 naar 1500 in 1940, met een verdere stijging in 1941.
* Problematiek: De huidige infrastructuur kan de grote "convooien" (vooral aardappelen uit Drenthe) niet aan. Dit leidt tot tijdrovend rangeerwerk en vertragingen in de distributie naar de detailhandel.
* Economische verandering: Er wordt melding gemaakt van een verandering in de veilingstructuur naar een groothandelsveiling die nu ook een rol speelt in de export, wat de druk op de spoorfaciliteiten verder verhoogt. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam was het kloppend hart van de stedelijke voedseldistributie.
Tijdens de oorlogsjaren werd de schaarste aan alles wat met verbrandingsmotoren te maken had (banden, brandstof) nijpend. De spoorwegen, die op kolen reden, bleven het enige betrouwbare massatransportmiddel voor bulkgoederen zoals aardappelen. Het genoemde "Bureau Voedselvoorziening in Oorlogstijd" was de centrale instantie die de productie en distributie van voedsel in goede banen moest leiden onder het regime van rantsoenering. De brief illustreert hoe de oorlog directe invloed had op de fysieke infrastructuur van de stad en de dagelijkse logistiek van het overleven. De handgeschreven naam "W. Muller" verwijst mogelijk naar Willem Muller, die nauw betrokken was bij de voedselvoorziening in Amsterdam tijdens deze periode.