Administratieve correspondentie / Adviesnota.
Origineel
Administratieve correspondentie / Adviesnota. 28 februari 1939 (met een aanvullende notitie van 3 maart 1939). De Marktoprichter (H.F. de Vries). Den Heer Inspecteur. Advies op.
№ 24/4/'1M 39 $\frac{21}{2}$.
Den Heer Inspecteur.
Hr. Jacob Büschel geb. 21 September 1894.
te Bernsdorf (Duitschland) staat sinds 3 Januari '38
ingeschreven als houder van de los/vaste plaats № 63
op het Amstelveld. Ook vóór genoemde datum bezocht
Hr. Büschel deze markt echter geregeld d.w.z. in 1937
en 1936. ofschoon daarvan geen gegevens bestaan.
Ik heb hem echter in genoemde jaren daar wel
aangetroffen op de enkele dagen dat ik op het Amstel-
veld moest wezen.
Amsterdam 28 Februari 39
de Marktoprichter.
[Handtekening: H.F. de Vries]
[Aantekening linksonder in een ander handschrift:]
Verklaring sturen, dat B. in de
jaren '36, '37 en '38 regelmatig
een plaats op ^de markt^ het Amstelveld
heeft bezet. [W...]
3-3-39.
Spoed Het document is een ambtelijk schrijven waarin de marktoprichter van Amsterdam getuigt van de aanwezigheid van de heer Jacob Büschel op de markt van het Amstelveld. Hoewel Büschel pas vanaf januari 1938 officieel geregistreerd staat voor standplaats nummer 63, verklaart de oprichter expliciet dat hij de man ook in 1936 en 1937 daar regelmatig aan het werk heeft gezien.
Dit is een cruciaal bewijsstuk omdat er voor die eerdere jaren blijkbaar geen officiële administratie voorhanden was ("ofschoon daarvan geen gegevens bestaan"). De opmerking "Spoed" en de opdracht om een formele verklaring op te stellen (notitie 3-3-39), wijzen erop dat deze informatie op korte termijn nodig was voor een officiële procedure. De historische context van februari/maart 1939 is hier van groot belang. Jacob Büschel is een Duitse man (geboren in Bernsdorf). In deze periode, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, zochten veel (vaak Joodse) vluchtelingen uit nazi-Duitsland hun toevlucht in Nederland.
Voor dergelijke migranten was het van levensbelang om aan de vreemdelingenpolitie of andere instanties aan te kunnen tonen dat zij al langere tijd in Nederland verbleven en in hun eigen onderhoud voorzagen. Een officiële verklaring dat iemand al sinds 1936 als marktkoopman werkzaam was, kon dienen als bewijs voor een "duurzame vestiging", wat essentieel was voor het behouden van een verblijfsvergunning of het voorkomen van uitzetting. H.F. de Vries