Officiële correspondentie (brief).
Origineel
Officiële correspondentie (brief). 6 juni 1941. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke instantie belast met markt- en ventzaken). den Heer H.A. Duffels, Latherusstraat 79, Amsterdam-Noord. HG.
Extra
den Heer H.A.Duffels,
Latherusstraat 79,
Amsterdam-Noord.
72/33/2 M. 6 Juni 1941.
Naar aanleiding van Uw briefkaart d.d. 2 dezer bericht ik
U, dat zoolang U van de U verleende ventvergunning geen gebruik kan
maken, deze ook niet behoeft te worden verlengd.
Zoodra U echter het beroep van venter weder kunt opnemen,
dient U zich te mijnen kantore te vervoegen om de verlenging in de
in Uw bezit zijnde ventvergunning te doen aanteekenen.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een reactie op een schrijven van de heer Duffels. De directeur laat weten dat een ventvergunning niet verlengd hoeft te worden zolang deze niet wordt gebruikt. Zodra de ontvanger zijn werkzaamheden als venter weer hervat, moet hij langskomen om de verlenging officieel op zijn vergunning te laten aantekenen.
* Taalgebruik: Formeel en zakelijk ("d.d. 2 dezer", "te mijnen kantore te vervoegen"). De spelling is conform de toen geldende normen (bijv. "zoolang", "aanteekenen").
* Status: Het document lijkt een afschrift of een dossierstuk, gezien de kleur van het papier en de beknopte vorm. De handgeschreven aantekening "Extra" duidt mogelijk op een speciale behandeling of een extra kopie voor het archief. * Tijdsbeeld: Juni 1941 valt midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ondanks de oorlog gingen de reguliere gemeentelijke administratie en regelgeving grotendeels door.
* Sociaal-economisch: Venten (het verkopen van waren op straat) was een veelvoorkomend beroep, zeker in volksbuurten zoals de Latherusstraat in de Bloemenbuurt (Amsterdam-Noord). De opmerking dat de heer Duffels "geen gebruik kan maken" van zijn vergunning kan wijzen op persoonlijke omstandigheden, zoals ziekte, maar ook op de schaarste aan goederen of beperkende maatregelen door de bezetter die het venten bemoeilijkten.
* Locatie: De Latherusstraat in Amsterdam-Noord was in die tijd een relatief nieuwe arbeiderswijk. Dergelijke documenten geven inzicht in hoe kleine zelfstandigen in deze wijken probeerden hun hoofd boven water te houden tijdens de bezettingsjaren. H.A. Duffels
Samenvatting
- Inhoud: De brief is een reactie op een schrijven van de heer Duffels. De directeur laat weten dat een ventvergunning niet verlengd hoeft te worden zolang deze niet wordt gebruikt. Zodra de ontvanger zijn werkzaamheden als venter weer hervat, moet hij langskomen om de verlenging officieel op zijn vergunning te laten aantekenen.
- Taalgebruik: Formeel en zakelijk ("d.d. 2 dezer", "te mijnen kantore te vervoegen"). De spelling is conform de toen geldende normen (bijv. "zoolang", "aanteekenen").
- Status: Het document lijkt een afschrift of een dossierstuk, gezien de kleur van het papier en de beknopte vorm. De handgeschreven aantekening "Extra" duidt mogelijk op een speciale behandeling of een extra kopie voor het archief.
Historische Context
- Tijdsbeeld: Juni 1941 valt midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ondanks de oorlog gingen de reguliere gemeentelijke administratie en regelgeving grotendeels door.
- Sociaal-economisch: Venten (het verkopen van waren op straat) was een veelvoorkomend beroep, zeker in volksbuurten zoals de Latherusstraat in de Bloemenbuurt (Amsterdam-Noord). De opmerking dat de heer Duffels "geen gebruik kan maken" van zijn vergunning kan wijzen op persoonlijke omstandigheden, zoals ziekte, maar ook op de schaarste aan goederen of beperkende maatregelen door de bezetter die het venten bemoeilijkten.
- Locatie: De Latherusstraat in Amsterdam-Noord was in die tijd een relatief nieuwe arbeiderswijk. Dergelijke documenten geven inzicht in hoe kleine zelfstandigen in deze wijken probeerden hun hoofd boven water te houden tijdens de bezettingsjaren.