Administratief bijblad/notitieblad van de Gemeente Amsterdam (Afdeling Algemene Zaken).
Origineel
Administratief bijblad/notitieblad van de Gemeente Amsterdam (Afdeling Algemene Zaken). Juni 1941. [Rechtsboven:] 573
[Kader linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 72/39/1 1941
DOORGEZONDEN: 12/6-41.
[Hoofdtekst:]
Standplaats Weesperplein.
Klacht is reeds eenigen tijd in behandeling bij instr. Foulquier.
[In de marge links:]
Afgedaan
[Handgeschreven toevoeging, deels doorgehaald:]
Wolf is op mijn spreekuur geweest. Hem toegezegd dat zijn klacht zal worden behandeld.
[Diverse data en parafen verspreid over het blad:]
zie nieuw rapport van den Heuvel 27/6 '41
rapport 13-6-'41
20-6-41 d[it]to
[Onderste tekstblok:]
Op Maandag 16/6.41. noch de een noch den ander gezien. Hedenochtend Wolff gesproken en deze deelde mij mede dat de bewuste venter reeds door een agent van politie verbaliseerd en verwijderd was, en dat ik daarom Maandag dus voor niets kwam, te meer daar hij uitverkocht was ± 5.- à 5.15 en dus zelf naar huis was gegaan. Hedenavond heb ik van...
[Voetnoot linksonder:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een ambtelijk bijblad dat de afhandeling van een klacht over een standplaats op het Weesperplein in Amsterdam documenteert. De kern van het verslag is dat de klager, de heer Wolff, op spreekuur is gekomen. Het onderzoek van de ambtenaar op maandag 16 juni 1941 leverde in eerste instantie niets op omdat de betrokken partijen niet aanwezig waren.
Later blijkt uit gesprek met Wolff dat de politie al had ingegrepen: de gewraakte 'venter' (straathandelaar) was geverbaliseerd (beboet) en verwijderd. De notitie over de tijd (5:00 of 5:15 uur) suggereert dat de handelaar al vroeg was uitverkocht en vertrokken, wat verklaart waarom de controlerende ambtenaar hem die maandag misliep. De administratieve gang van zaken wordt getoond door de verschillende data (12 t/m 27 juni 1941) en de stempel 'Afgedaan'. Het document dateert van juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Het Weesperplein lag in het hart van de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam. In deze periode nam de regulering van en de repressie tegen Joodse straathandelaren hand over hand toe door de invoering van anti-Joodse maatregelen.
Hoewel de tekst op het eerste gezicht een normale marktklacht lijkt, is de context van de bezetting essentieel. De naam 'Wolff' en de locatie 'Weesperplein' duiden op activiteiten in een gebied dat door de bezetter steeds stringenter werd gecontroleerd. Administratieve formulieren zoals deze (Model No. 14) werden door de gemeente gebruikt om de dagelijkse gang van zaken en handhaving in de stad vast te leggen. De tussenkomst van een 'agent van politie' voor een standplaatsgeschil was destijds een gebruikelijke escalatie van markttoezicht.