Archiefdocument
Origineel
3 maart 1939. [Linksboven, gestempeld/geschreven:]
№ 24/8/1 M. 1039 4/3
POLITIE TE AMSTERDAM
5e SECTIE 1e AFDEELING
Letter B No. 455
Bijlage:
Onderwerp:
[Rechtsboven:]
D 2000-9-12-38
AMSTERDAM, 3 Maart 1939
(Zuid) Stadhouderskade 115
[Kader rechtsboven:]
Verzoeke bij de beantwoording den datum, de letter en het nummer van dezen brief aan te halen. :- :- :-
[Handgeschreven aantekeningen in de marge:]
Spoed
m. Dit w.
Insp.
[Hoofdtekst:]
Blijkens mededeeling van een der aan mijn bureau dienstdoende agenten, werd op Maandag, 20 Februari 1939, te plm. 1.50 uur nam,, door een koopman, genaamd GERRIT VAN DER WIEL, geboren 24 Juli 1903 te Bussum, wonende Oosterpad 24, aldaar, op de weekmarkt, het Amsteldveld, alhier, een hond verkocht aan den koopman H.J. de Jong, wonende Vossiuslaan 33 te Bussum.
Door den marktmeester De Vries was aan genoemden Van der Wiel een standplaats aangewezen op de afdeeling "Pluivee".
Waar o.m. het verkoopen van een hond in strijd is met het bepaalde in art. 8 van de Verordening op het Marktwezen d.d. 11 Augustus 1937, Gemeenteblad volgnummer 60, afdeeling III van 1937, op overtreding waarvan echter geen straf is gesteld, moge ik een en ander te Uwer kennisbrengen, teneinde te kunnen beoordeelen, of er Uwerzijds wellicht aanleiding bestaat tot een disciplinair optreden tegen genoemden Van der Wiel.
De fg. Afdeelingschef
in de 5e Sectie, 1e Afdeeling,
[Signatuur: Juwit / onleesbaar]
[Onderaan:]
Aan
den Heer Directeur van het
Marktwezen te
AMSTERDAM Dit document is een ambtelijke kennisgeving van de Amsterdamse politie aan de Directeur van het Marktwezen. Het betreft een incident op de markt van het Amstelveld op 20 februari 1939. Een koopman uit Bussum, Gerrit van der Wiel, heeft daar een hond verkocht op een standplaats die uitsluitend bestemd was voor "Pluivee" (pluimvee).
De kern van de brief is een juridisch-administratief probleem: hoewel de verkoop in strijd is met Artikel 8 van de Marktverordening uit 1937, is er in diezelfde verordening paradoxaal genoeg geen strafbepaling opgenomen voor deze specifieke overtreding. De politie kan de man daarom niet strafrechtelijk vervolgen en draagt de zaak over aan de Directeur van het Marktwezen met het verzoek om te onderzoeken of er disciplinaire maatregelen (zoals het intrekken van een vergunning of standplaats) mogelijk zijn. Het document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse markten vlak voor de Tweede Wereldoorlog. Het Amstelveld was van oudsher een bekende plek voor de handel in planten en kleine dieren (zoals de bekende maandagse bloemen- en vogelmarkt).
De brief illustreert de nauwe samenwerking tussen de politie (5e Sectie, destijds gevestigd aan de Stadhouderskade 115) en de gemeentelijke diensten. Het toont tevens aan hoe gedetailleerd de bureaucratie destijds te werk ging: voor een relatief klein vergrijp (de verkoop van één hond op de verkeerde afdeling) werd een officiële correspondentie opgestart tussen de afdelingschef van de politie en de directeur van het marktwezen, inclusief het raadplegen van het Gemeenteblad. De handgeschreven aantekening "Spoed" suggereert dat men dergelijke overtredingen van de marktorde hoog opnam.