Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie.
Origineel
Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie. 18 januari 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt, Amsterdam). Extra [handgeschreven]
D/HG.
77/1/3 M.
1
18 Januari 1941.
Straf overkruier G.L. Been
Centrale Markt.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 13 Januari jl. door den contrôleur B. Felthuis van mijn dienst opgemaakt rapport, waaruit blijkt, dat G.L. Been, wien als overkruier toegang tot de Centrale Markt is verleend, zich aldaar heeft schuldig gemaakt aan diefstal van eenige handkarren, welke toebehoorden aan grossiers der Centrale Markt. Terzake van dit feit is proces-verbaal opgemaakt, terwijl Been voornoemd, ingevolge het bepaalde in artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt, dezerzijds is gestraft met ontneming van het recht van toegang tot die markt voor den tijd van 14 dagen, namelijk van 16 tot en met 29 Januari 1941.
Ik ben van meening, dat een persoon, wien bij wijze van gunst wordt toegestaan op de Centrale Markt als kruier zijn brood te verdienen en die zich dan aan diefstal gaat schuldig maken, niet langer op die markt kan worden geduld. Ik heb mitsdien de eer U beleefd te verzoeken wel te willen bevorderen, dat Been, in aansluiting op mijn straf, overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid van bovenaangehaald artikel, door Burgemeester en Wethouders wordt gestraft met ontneming van het bedoelde recht, voorgoed, zulks met ingang van 30 Januari a.s. Been voornoemd heeft zich tevoren op de Centrale Markt niet aan een strafbaar feit schuldig gemaakt.
De Directeur, * Inhoud: De brief betreft een verzoek tot een zware tuchtrechtelijke maatregel. Een 'overkruier' (een sjouwer of transporteur met een handkar) genaamd G.L. Been is betrapt op de diefstal van handkarren van groothandelaars op de markt.
* Juridische basis: De directeur verwijst naar artikel 35 van het Reglement op de Centrale Markt. De eerste sanctie (14 dagen ontzegging) is reeds door de directie opgelegd. Er wordt nu verzocht om een definitieve ontzegging van de toegang (ontneming van het recht 'voorgoed') door het College van Burgemeester en Wethouders.
* Toon: De toon is uiterst formeel en streng. De directeur benadrukt dat het werken op de markt een "gunst" is die door wangedrag verspeeld wordt. Opvallend is dat de directeur vermeldt dat de man niet eerder de fout in is gegaan op de markt, maar dit weegt voor hem niet op tegen de ernst van de diefstal.
* Terminologie: Termen als "overkruier", "dezerzijds" en "mitsdien" zijn typerend voor de ambtelijke taal uit de eerste helft van de 20e eeuw. * Historische periode: Januari 1941 valt in de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* Voedselvoorziening: De Centrale Markt was een cruciaal knooppunt voor de voedseldistributie. Orde en betrouwbaarheid op de markt waren essentieel, zeker in een tijd waarin schaarste en rantsoenering (onder toezicht van de Wethouder voor de Levensmiddelen) steeds grotere rollen gingen spelen. Diefstal in dergelijke instellingen werd in oorlogstijd extra zwaar aangerekend.
* Locatie: Hoewel niet expliciet vermeld, wijst de terminologie en de structuur van de administratie sterk in de richting van de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam.