Handgeschreven ambtelijke of politionele notitie op een los vel papier.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke of politionele notitie op een los vel papier. 13 t/m 18 februari 1941. Hr. de Boer, chef van Nazorg is met
dit feit in kennis gesteld op 13/2 '41.
en zou maatregelen nemen.
Mr. Birk heeft geen bezwaar tegen
entl. Meisje is uit een heel arm gezin,
en kreeg een enkele keer via de portier
gelegenheid om een van haar zusters op
een l. m. te plaatsen, waarvoor
zij dan een open plek ontving.
[Paraaf] 15/2 - 41
[Aantekening in rode inkt:]
vpb.
[Paraaf] 18/II '41 Dit document betreft de besluitvorming rondom de mogelijke vrijlating van een niet bij naam genoemd meisje dat door de autoriteiten werd vastgehouden. Uit de notitie blijkt dat er sprake was van een incident ("dit feit") waarbij het meisje via een portier had geprobeerd een van haar zussen op een "l. m." (mogelijk een afkorting voor Legermagazijn, Luchtmacht-instelling of Loonlijst) geplaatst te krijgen waar een vacature ("open plek") was.
De chef van de 'Nazorg' (waarschijnlijk de organisatie voor hulp aan politieke gevangenen of ex-gedetineerden) is ingeschakeld om maatregelen te nemen. Echter, "Mr. Birk" geeft aan geen bezwaar te hebben tegen haar "entl." (Entlassung, oftewel vrijlating). De motivatie hiervoor is sociaal-economisch van aard: het meisje komt uit een "heel arm gezin". Dit suggereert dat haar handelen werd gezien als een wanhopige poging om haar familie te helpen in plaats van een politiek gemotiveerd vergrijp.
De afkorting "vpb." in rode inkt onderaan kan staan voor "voor proces-verbaal" of "voor behandeling", wat aangeeft dat de administratieve afhandeling van de vrijlating op 18 februari 1941 werd voltooid. De datering (februari 1941) plaatst dit document in de eerste fase van de Duitse bezetting van Nederland, vlak voor de Februaristaking. De vermelding van "Mr. Birk" is historisch saillant; Franz Birk was een beruchte SS-Unterscharführer werkzaam bij de Sicherheitspolizei und SD in Amsterdam (onder andere in het Lloyd Hotel). Hij hield zich direct bezig met de bewaking en verhoren van arrestanten.
Het document illustreert de bureaucratische werkelijkheid van de bezetting: zelfs kleine zaken zoals het informeel regelen van een baan voor een familielid werden door de bezetter en de Nederlandse nazorginstanties geregistreerd en gewogen. Het toont ook aan dat in deze vroege fase van de oorlog persoonlijke omstandigheden zoals armoede nog een rol konden spelen bij de beslissing om iemand al dan niet in hechtenis te houden. Sicherheitspolizei