Archief 745
Inventaris 745-364
Pagina 7
Dossier 39
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambtelijke brief/rapportage betreffende een tuchtrechtelijke maatregel.

16 april 1941.

Origineel

Ambtelijke brief/rapportage betreffende een tuchtrechtelijke maatregel. 16 april 1941. A'dam, 16/4 1941
W. L. M.
7/11/3/7

Straf kooper
J. Ph. Meyning
Centrale Markt

Bijlage dezer heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 7 April jl. door den contrôleur B. Felthuijs van mijn dienst opgemaakt rapport, waaruit blijkt, dat J. Ph. Meyning, venter, wonende Westerstraat 28, aan wien als kooper toegang tot de Centrale Markt is verleend, zich aldaar heeft schuldig gemaakt aan diefstal van een kist selderie, toebehoorende aan den kooper T. Wijland. Terzake van dit feit is proces-verbaal opgemaakt, terwijl Meyning voornoemd, ingevolge het bepaalde in artikel 35 lid 1 van het Reglement op de C. M., desonzentwege is gestraft met ontzegging van het recht van toegang tot die markt voor den tijd van 14 dagen, namelijk van 10 tot en met 23 April 1941.

Ik ben van meening, dat Meyning voor het begaan van bovenvermelde diefstal voor langeren tijd van de C.M. moet worden uitgesloten en ik geef U mitsdien beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat Meyning, in aansluiting op mijn straf, overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid van bovenaangehaald artikel, door den Regeringscommissaris voor Amsterdam wordt gestraft met ontzegging van het bedoelde recht voor den tijd van zes maanden, zulks met ingang van 24 April a.s. Meyning voornoemd heeft zich tevoren op de C.M. niet aan een strafbaar feit schuldig gemaakt.

S.S. Het document is een ambtelijk voorstel tot strafverzwaring voor een marktkoopman. De kernpunten zijn:
* Het incident: Op 7 april 1941 heeft de heer J. Ph. Meyning, een venter wonende in de Jordaan (Westerstraat), een kist selderij gestolen van een collega-koopman (T. Wijland) op de Centrale Markt in Amsterdam.
* Reeds opgelegde straf: Op basis van het marktreglement (art. 35 lid 1) heeft de marktmeester/directie Meyning reeds een toegangsverbod van 14 dagen opgelegd.
* Voorgestelde straf: De opsteller van de brief vindt deze 14 dagen onvoldoende. Hij verzoekt de "Regeringscommissaris voor Amsterdam" om op basis van lid 2 van hetzelfde artikel de straf te verlengen naar zes maanden.
* Verzachtende omstandigheid: Er wordt aan het eind vermeld dat de dader niet eerder over de schreef is gegaan op de markt (geen recidive). Dit document stamt uit april 1941, bijna een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context is cruciaal voor het begrip van de strengheid:
1. Voedselvoorziening: Tijdens de bezetting was de controle op de voedselstromen (via de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat) uiterst streng. Diefstal in deze sector werd zwaar opgenomen omdat het de distributie ondermijnde.
2. Regeringscommissaris: De brief refereert aan de "Regeringscommissaris voor Amsterdam". Dit duidt op de bestuurlijke herstructurering onder de bezetter; de gekozen gemeenteraad was ontbonden en de stad werd bestuurd door een regeringscommissaris (destijds Edward Voûte).
3. Economische delicten: In oorlogstijd werden kleine vergrijpen zoals de diefstal van een kist groente vaak veel harder bestraft dan in vredestijd, omdat de sociale orde en de schaarse middelen onder grote druk stonden. B. Felthuijs J. Ph T. Wijland

Samenvatting

Het document is een ambtelijk voorstel tot strafverzwaring voor een marktkoopman. De kernpunten zijn:
* Het incident: Op 7 april 1941 heeft de heer J. Ph. Meyning, een venter wonende in de Jordaan (Westerstraat), een kist selderij gestolen van een collega-koopman (T. Wijland) op de Centrale Markt in Amsterdam.
* Reeds opgelegde straf: Op basis van het marktreglement (art. 35 lid 1) heeft de marktmeester/directie Meyning reeds een toegangsverbod van 14 dagen opgelegd.
* Voorgestelde straf: De opsteller van de brief vindt deze 14 dagen onvoldoende. Hij verzoekt de "Regeringscommissaris voor Amsterdam" om op basis van lid 2 van hetzelfde artikel de straf te verlengen naar zes maanden.
* Verzachtende omstandigheid: Er wordt aan het eind vermeld dat de dader niet eerder over de schreef is gegaan op de markt (geen recidive).

Historische Context

Dit document stamt uit april 1941, bijna een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context is cruciaal voor het begrip van de strengheid:
1. Voedselvoorziening: Tijdens de bezetting was de controle op de voedselstromen (via de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat) uiterst streng. Diefstal in deze sector werd zwaar opgenomen omdat het de distributie ondermijnde.
2. Regeringscommissaris: De brief refereert aan de "Regeringscommissaris voor Amsterdam". Dit duidt op de bestuurlijke herstructurering onder de bezetter; de gekozen gemeenteraad was ontbonden en de stad werd bestuurd door een regeringscommissaris (destijds Edward Voûte).
3. Economische delicten: In oorlogstijd werden kleine vergrijpen zoals de diefstal van een kist groente vaak veel harder bestraft dan in vredestijd, omdat de sociale orde en de schaarse middelen onder grote druk stonden.

Genoemde Personen 3

Locaties

Centrale Markt Westerstraat

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6